Vrouwen onder elkaar

De Bende van de Beemster: Nairobi Dick

Bel me, Ismaïl.’
Dat is het laatste wat Mariska tegen hem zei, vlak nadat hij haar kortstondig had gepenetreerd in de garderobe van discotheek ‘t Stampertje. Daarna verdween hij in de mensenmassa en nu krijgt ze hem weer niet uit haar hoofd. En dan gaan ze nu ook nog eens een weekendje weg met de meiden. Even helemaal weg, om hun gedachten verzetten, zoals ze dat zeggen.

Ze noemen zichzelf de Bende van de Beemster. Dat staat ook op de tanktops die ze elk jaar speciaal voor vakanties aan de Spaanse kust laten maken. Komende zomer zijn ze weer roze, zoals ze de eerste keer ook zijn geweest. Het jaartal toen: 2004.
En nu zitten de vier jonge vrouwen in de auto onderweg naar Landall Greenparks, in het Noord-Brabantse Hapert. Milou zit voorin, Saskia rijdt. Ze heeft de bedrijfsauto van haar man meegekregen, dus bromt er nu een met vier vrouwen bepakte Citroën Berlingo van Bakkerij Willems over de A2. Lekker ver weg van de hectische thuissituatie. Even geen nagelsalon, geen kinderen, geen thuiscursus. Alhoewel, geen kinderen: Mariska ziet eruit als een grote, witte potvis. Haar derde is alweer op komst. Ze heeft van tevoren in de Whatsappgroep gezegd dat ze dit weekend een grote mededeling zal doen, en iedereen gaat ervan uit dat ze het geslacht van de baby bekend gaat maken. Milou heeft gezegd dat ze hoopt op een meisje voor Mariska, ze gunt haar man geen drie jongens.

Ismaïl is de man van Milou. In 2009 zijn ze getrouwd, nadat ze elkaar tijdens haar reis naar Kenia hadden ontmoet. Maar sinds Milou haar been verloor bij een skiongeluk – ze kwam in botsing met Mariska en verbrijzelde onherstelbaar haar been – is hun relatie niet meer wat het geweest is.

Om iets over half elf arriveert de auto op het vakantiepark. Nancy rent als eerst het huisje binnen. Typisch Nancy, die een goed bed moet claimen. Dat doet ze in Spanje ook altijd. De bungalow is kleiner dan ze hadden gedacht. Er is een woonkamer, een keukentje en één slaapkamer met twee stapelbedden. Nancy heeft haar tas op een bovenbed gelegd, hetgeen met uitzicht op het subtropisch waterparadijs. Ze ligt boven Mariska, die gezien haar conditie toch meer gebaat is bij een benedenbed. Evenals Milou, die vanzelfsprekend het andere lage bed krijgt.

Even later zitten ze in de woonkamer aan de eettafel. Mariska heeft de meiden gesommeerd te gaan zitten, nadat ze een quinoasalade heeft klaargemaakt.
‘Ik moet jullie iets vertellen,’ zegt ze.
Iedereen bereidt zich voor op ‘Het is een meisje!’ of ‘Het is alweer een jongen’.
Mariska begint te snikken.
‘Ik hoop dat God luistert, terwijl ik dit zeg. Onwetendheid is de moeder van alle angst.’
De rest van de bende van de Beemster kijkt haar aan, alsof ze net Moby Dick in het Chinees heeft voorgelezen. En dan zegt ze het, recht voor zijn raap.
‘Milou, het spijt me. Ismaïl is de vader van mijn kinderen.’
‘Denk je dat dit een verrassing voor me is?’ zegt Milou. ‘Ik weet allang dat je elke week geniet van zijn Nairobi Dick.’
Na het gesprek gaan ze het subtropisch waterparadijs in, waar ze talloze keren van glijbaan de Draaikolk gaan.

Standaard