Verrassing

Miljoenenjacht

‘Verrassing!’ riep de vrouw terwijl ze terug de kamer inliep. Maar hij wist allang wie het was. Ze hadden zitten kijken.

Vroeger had Gaston het altijd gedaan. Daarna had Winston het stokje over genomen, maar sinds die te horen had gekregen dat hij ongeneeslijk kut was, gaf Ferry Doedens acte de présence.
‘Hallootjes! Jullie weten vast wel waarom ik hier ben, hè?’ klonk het in de gang.
Dat klopte.
Ferry was gekomen om hen geld te geven. Hoeveel ze kregen, wisten ze ook al.
Maar liefst 125.000 euro zou er met zwarte stift op de cheque gezet worden. Ze hadden de televisie uitgezet, toen kandidaat Arnold op de knop had gedrukt na het bod van de notaris. ‘Wil je koffie, Ferry?’ vroeg de vrouw, terwijl haar man stond te springen.
‘We hebben ook limonade.’
Ferry hoefde niks.

Een klein half uur eerder waren ze nog enthousiaste kijkers geweest. De man zat op het puntje van zijn stoel naar de nog gesloten gouden koffers te staren, terwijl zijn vrouw de laatste hand aan het eten legde.
De man had hard zitten lachen om de antwoorden die kandidate Sylvia had gegeven in de quizronde.
‘Roger McGuinn de leadzanger van The Byrds. Ha. Wat een fantasie heeft zij!’
Zijn vrouw was zwaaiend met een knoflookpers de kamer ingelopen om mee te maken waarom haar man zo zat te lachen. Net toen ze weer in de keuken stond, had Arnold het laatste antwoord gegeven waarmee hij in de finale terecht kwam. Gehakt was inderdaad de vleessoort die in bolognesesauzen zat, dacht de man.

Waarom ze meespeelden. Ferry Doedens durfde te vragen waarom ze meespeelden.
‘Nou, Ferry, dat zal ik je uitleggen. Ten eerste spelen wij mee, omdat ik niet wil dat Theo van verderop uit de straat hier straks in een gloednieuwe glimmer van een BMW rondrijdt en ik nog altijd met die verroeste Opel Corsa bij de Aldi aankom. Snap je? Ik wil niet dat Adri van de Beatrixlaan straks rondjes staat te geven bij de Vlijt en ik de enige ben die niks heeft.’
‘Bij de vleet is het, toch? Of ben ik nu dom? Hahahaha.’ Ferry had het verkeerd verstaan.
‘Ferry, jongen. Hou eens even je muil dicht. De Vlijt is de kroeg hier in het dorp.’
‘Oh, sorry hoor, meneer de chagrijn! Hahaha.’
‘En we spelen ook mee, omdat ik gewoon een grote zak met geld wil winnen. Die goede doelen kunnen me gestolen worden. Al die Hiawatta’s en Filipino’s die overspoeld worden doen me niks. Als ik mijn hoofd maar boven water kan houden. Maar goed, laten we maar opschieten.’ Hij wreef in zijn handen.
‘Oh-kééé, meneertje brombeertje. Prima. Dan gaan we nu over tot de verplichtingen.’
Ferry trok een lege cheque uit de enveloppe.
‘U heeft..’ Ferry pakte een stift uit zijn zak.
‘.. en u weet het eigenlijk al, of niet?’ Ze knikten veelvuldig.
‘een bedrag van…’ Ferry begon te schrijven.
‘.. 12,80 gewonnen! Het is niet veel, maar toch gefeliciteerd!’

De man gooide er een ziekte uit. Zijn vrouw viel achterover op de bank. Ferry legde alles uit.

‘Mag ik jou nog wat vragen, natte druif?’
‘Eh, ja?’ Ferry was duidelijk not amused door deze benaming.
‘Waarom lieten jullie die gozer dan doorspelen? Hij drukte toch op die rode knop of niet?’

Standaard