Verhaal #658 • Afgesproken thema: HVA schrijfwedstrijd: Walrus

Tekening op de koelkast

In samenwerking met de minor Creatief Schrijven van de Hogeschool van Amsterdam organiseerde Het Schrijversgenootschap voor het derde jaar op rij een heuse schrijfwedstrijd. Aan de studenten vroegen we om een kort verhaal te schrijven binnen het geweldige thema ‘Walrus’. Op nummer 3 is het verhaal Tekening op de koelkast van Bente van de Wouw geëindigd. Een juryrapportje vind je onder het verhaal.


Tekening op de koelkast

Ik houd van tekenen. Zoveel, dat er iedere dag een nieuwe tekening op de koelkast gehangen wordt. Op de meesten staan huisjes met een grasveld en mijn lievelingshond. En mama, ik teken graag mijn mama. Maar wat ik het allerliefst teken, zijn walrussen. Die hangen alleen niet op de koelkast, want van mama mag ik geen walrussen maken met mijn kleurpotloden. “Walrussen zijn niet lief,” zegt ze dan als ik boos word. En dan pakt ze mijn potloden af, totdat ik weer een huis met een grasveld maak. Ik vind het niet eerlijk, want zij heeft haar eigen Walrus, en ik mag er niet eens een tekenen.
“Heb je ons huisje nagemaakt?” Mama buigt over me heen, haar beide handen op mijn schouders.
“Nee, ik heb het huis getekend waar ik in ga wonen. Alleen.”
“En waar ga ik dan wonen?”
“Bij Walrus.”
Haar handen glijden van mijn schouders af.
“Ik woon veel liever met jou in een huis, Tom.”
“Waarom?”
“Omdat ik met jou de hele dag samen ben, en Walrus komt maar af en toe langs.”
“Waarom?”
“Omdat ik daarvan jouw lievelingsbroodjes met hagelslag kan kopen. Met die funnies.”
Ik houd van funnies, bijna net zoveel als van tekenen.
“Wanneer mag ik zo’n broodje?”
“Morgen,” zegt ze. En dan drukt ze een kus op mijn hoofd en loopt ze de kamer uit. Ik hoor de deur van de badkamer dichtgaan. Dat doet ze altijd als hij komt.
Ik begin net met het inkleuren van het gras als de deurbel gaat. Ik spring op. Misschien ben ik dit keer wel eerder bij de deur. Ik heb net de klink vast als ik mama’s voetstappen hoor. Ze tilt me op, brengt me naar mijn kamer en gaat op haar knieën voor me zitten. De bel gaat nog een keer. Mama’s mond is een strakke streep, net als die van mij.
“Ik heb toch gezegd dat je niet open mag doen, Tom?”
Ik knik.
“Mama wil dat je hier blijft in de slaapkamer, zoals we altijd doen. Oké?”
Ik knik nog een keer. Dan geeft ze me een kus op mijn hoofd en loopt ze terug naar de huiskamer.
Ik luister naar de voetstappen, naar het opengaan van de deur. En dan hoor ik hem. Walrus. Een lage stem, veel lager dan die van mij. Nog meer voetstappen, veel zwaarder dan die van mama. Bij iedere stap die hij zet een zuchtje, alsof lopen zwaar voor hem is. Dan een deur die dichtslaat. Mama’s kamer. Daarna is het stil.
Zou hij op de walrussen lijken die ik stiekem teken als mama niet kijkt? Heeft ze hem daarom die bijnaam gegeven? Hij heeft vast een snor. Toch?
Ik loop voorzichtig naar mijn kamerdeur en doe de klink zo zachtjes mogelijk naar beneden. Op mijn sokken sluip ik langzaam naar het eind van de gang, waar mama’s deur is. Ik leg mijn oor ertegenaan. Ik hoor zijn zuchtjes, maar dit keer loopt hij niet. Voorzichtig doe ik de deur open, zodat mama het niet kan horen. En dan zie ik hem. Hij heeft geen snor. En mama had gelijk, volgens mij is hij helemaal niet lief.
Ik houd van tekenen. Op de meeste tekeningen staan huisjes met een grasveld en mijn lievelingshond. En mama, ik teken graag mijn mama. Maar wat ik liever niet meer teken, zijn walrussen.


Het juryrapport

Het Schrijversgenootschap zegt het volgende over het verhaal Tekening op de koelkast van Bente van de Wouw:

Goed verhaal, want: Schrijven vanuit het oogpunt van een kind is moeilijk. In dit verhaal is het goed gelukt. Het is geloofwaardig. Daarnaast: je houdt het spannend. Je vertelt de lezer niet te veel maar genoeg om te willen doorlezen. Er is volop gebruik gemaakt van het ‘show, don’t tell’ principe. En het is een verhaal waar je een beetje een unheimisch gevoel van krijgt, wat een sterk pluspunt is.
Verbeterpunt: Ik wil meer weten! En het zo rond maken, die herhaling van het begin in het einde, is een (te) makkelijke manier om een verhaal af te sluiten waar eigenlijk nog wel meer in zit.
Mooiste zin(sdeel): “Mama’s mond is een strakke streep, net als die van mij.”


Wie is gastschrijver?

Dat ben jij! Nou ja, als je een beetje handig met woorden bent. Jouw verhaal ook op de website van Schrijversgenootschap De (Voorheen) Lege Bladzijde? Stuur je beste werk naar info@schrijversgenootschap.nl en laat je lezen!
Standard