Verhaal #652 • Afgesproken thema: Zeker en vast

Heen en weer weg

Nard trekt zijn muts van zijn hoofd en dept met een blauwwit geruite zakdoek het zweet.
‘Tabee, hè!’, roept hij en hij kijkt toe hoe de auto’s de rijplaat af rijden.
Wacht hij even? Twee over twaalf, wijst zijn horloge. Die afschuwelijke 1 mei staat tussen het midden van de wijzerplaat en de drie. Hij wacht altijd. Als hij nog koplampen zag naderen vanuit de polder, wachtte hij zeker. En als ze dan afsloegen in de laatste bocht voor de veerweg, had hij voor niets gewacht, maar dat gaf niet. Naar de overkant moest –ie toch, of dat nou om twaalf uur was of vijf minuutjes later. Hetty ging steevast om half tien naar bed, dus voor haar hoefde hij zich niet te haasten.

De wijzer passeert de vijf en hij jaagt de motor aan.

De maan staat hoog. De sterren begeleiden hem.
Natuurlijk had de krant gebeld, en de lokale televisiezender. Ze wilden er bij zijn. Maar hij had nee gezegd. Tegen allemaal. Zijn laatste vaart wil hij net zo min in de schijnwerpers staan als zijn hele 47 jaar lange werkzame leven. Praatjes met zijn klanten maakte hij wel; hij was graag onder de mensen. Maar hij wilde niet met zijn kop in de krant. Toch was er een artikeltje verschenen, dat hij afscheid nam. De redacteur had uitgerekend dat hij dit vaartje al ruim 800.000 keer gemaakt moest hebben.

Hij had het nog wel een miljoen keer willen doen.

De Maas kabbelt zover hij kijken kan. De pont maakt grovere slagen in de golven en even later klotsen ze tegen de oever. Het geluid van de nacht klinkt voor iedereen anders. Tramgerinkel voor stadse Amsterdammers, loeiende koeien voor melkveehouders, stampende muziek voor clubeigenaren, de zware adem van een slapende vrouw voor zorgelijke mannen.
Zíjn nachten klinken zoals nu, water tegen de maasoevers, het gakken van een aalscholver, een plons van een snoek die de weg kwijt is.

Een traan glijdt door de plooien van zijn gezicht. Wegvegen doet hij hem niet.

De oprijplaat schuurt over de veerstoep. Het gegil in de nacht, ook dát is zijn geluid.
Nard loopt zijn kantoortje in en zet de dieselmotor af. Stilte. Hij kijkt om zich heen, veegt nu toch een traan weg en sluit de boel af. ‘Tabee, hè’, mompelt hij.
Hij gooit de touwen overboord en loopt over de rijplaat. De touwen vist hij uit het water en bindt hij rond de palen die al langer dan 47 jaar op de veerstoep staan. Hoeft al lang niet meer, sinds alles gemoderniseerd is. Maar toch, zo heeft Nard het altijd gedaan en nu weet hij tenminste zeker dat de boot niet afdrijft.

Een nieuw geluid doorbreekt zijn nacht.

Eerst snapt hij niet waar het vandaan komt. Maar dan voelt hij het bijbehorende trillen in zijn borstzakje. Een smsje van Hetty, voor het eerst in 47 jaar.
‘Ik brn trits op je. Ik hou vsn je. Tot zo.’

Tot zover.



Wie is Linda van Doorn?

Linda is redactrice bij Lef Magazine, dramatisch theaterbeest uit 's-Hertogenbosch en specialist ‘lachen om flauwe grappen’ bij Het Schrijversgenootschap. ‘Ik werk met woorden,’ zei ze op haar sollicitatiegesprek en sindsdien moet ze van ons verplicht tijdens elke redactievergadering de superhandige Schrijversgenootschap-overall™ (met zakken voor alle soorten pennen en notitieblokken!) aan. Linda schrijft sinds februari 2014 voor Het Genootschap en haar indrukwekkende digitale fanschare rept al vanaf het begin van “de beste schrijver op de website”. Daar zijn we dus mooi klaar mee. Drama op de redactie. (JE / HdK) Volg Linda op Twitter →
Standard