Coole gastjes

De Champions League-finale van 1995

Ik was zes en iedereen op school had het al twee weken over de wedstrijd. De stoere jongens hadden de halve finale ook al gezien en de finale gingen ze dus zeker ook bekijken. En daar stond ik dan, met mijn vaste en volgens mijn moeder zeer schappelijke bedtijd van acht uur.

Tijdens het avondeten, de zaterdag voor de wedstrijd besloot ik mijn zaak uit de doeken te doen. Alle jongens mochten gaan kijken, en daarnaast was dit een ongelooflijk belangrijk moment voor het Nederlandse voetbal. Zoiets zal ik gezegd hebben. Mijn vader, een echte voetbalfan die ik hoorde schreeuwen en joelen tijdens de halve finale, luisterde glimlachend. Toen vertelde papa dat hij moest werken, de avond van de finale. En mama zei dat de het wel erg laat vond worden. Ik betoogde verder, dat ik de wedstrijd prima met mama kon bekijken en dat ik echt niet op school kon komen zonder de wedstrijd gezien te hebben. Ze zouden me zien aankomen!

En het mocht. Ik ging AC Milan – Ajax kijken!

Dinsdag ging ik extra vroeg naar bed, zodat ik genoeg energie zou hebben. De volgende dag ging het op school nergens anders over. Tijdens het voetballen op het plein waren we allemaal de spelers van Ajax, en we juichten alsof we de finale ter plekke wonnen.

Mama had de wedstrijd goed voorbereid. Ik mocht op de bank, recht voor de televisie. Zij zat op de stoel ernaast. Er was chips en cola. Papa belde nog even van tevoren en wenste ons een fijne wedstrijd. “Veel plezier, knul.”

Het was half negen en de wedstrijd begon, en ik zat op het puntje van de bank. Mama, die helemaal niet van voetbal houdt, keek mee voor de vorm. Na een kwartiertje ging ze naar de keuken en kwam terug met een verse milkshake van aardbeien, banaan en ijs. Er was ondertussen niks gebeurd op het veld, dus ik nam de heerlijkheid met grote dankbaarheid aan. Ik begreep heel goed dat ze die speciaal voor deze gelegenheid gemaakt had. Sterker nog: het was de eerste en enige keer in mijn leven dat mijn moeder een milkshake maakte.

Wellicht hierom: mijn zesjarige lichaampje vond de milkshake vooral erg koud. M’n hoofd was zo koud dat het zeer deed en m’n slokdarm voelde aan als een ijslolly. Ik wou het niet, maar uiteindelijk gaf ik het op: half opgedronken ging de milkshake terug naar mijn moeder. Ze glimlachte, en zag dat ik al moeite had m’n ogen op te houden.

45 minuten lang gebeurde er weinig op het veld. Ik miste het enthousiasme van mijn vader. Hij schreeuwde altijd van alles, en dat werkte aanstekelijk. Zelf, moest ik bekennen, vond ik het voetbal eigenlijk weinig aan.

Het was rust.

Mijn moeder stelde voor om maar gewoon naar bed te gaan en ik vond het goed. Later die avond maakte Patrick Kluivert in de 85e minuut de goal die Ajax de laatste Nederlandse Champions League-winnaar maakte.

Op het schoolplein was daarna iedereen Patrick Kluivert. Behalve ik.

Standaard