Zwarte Piet

Drie stuiterballen

Het zijn zware tijden voor Zwarte Piet. Er is in feite dus eigenlijk niks veranderd.’
Zo begon de cabaretier zijn Sinterklaasconference en de meeste mensen in de zaal lachten. Wilma niet. Wilma voelde de bui al hangen, die linkse rakker ging hier gewoon een eeuwenoude traditie kapot maken. Belachelijk, want de kinderen. Denk toch in godsnaam aan de kinderen, dacht ze.

Ook Willem lachte niet, maar dat kwam omdat in de openingszin van de cabaretier ‘in feite’ en ‘eigenlijk’ volgens hem hetzelfde betekenden en er dus sprake was van een tautologie. Wilma en Willem zaten zuchtend naast elkaar en meenden verbintenis te voelen toen ze elkaars frustratie bemerkten. Na de volgende grap van de cabaretier deed Willem zijn hand in zijn zak, haalde drie stuiterballen eruit en rolde ze naar voren.

De middag voor de cabaretvoorstelling had Willem een sekslijn gebeld. Hij kreeg te maken met Savannah en hij had gevraagd of dat haar echte naam was, hoe naïef dat ook mocht zijn. Vanzelfsprekend zei ze van wel. Hij vroeg haar of ze zwart was en had daar direct spijt van. Het kon hem niets schelen, hij vroeg het vanwege haar naam, wilde haar geschiedenis kennen. Toen vroeg hij naar haar mening over Zwarte Piet en zei voordat ze kon antwoorden dat hij voor verandering was en citeerde Obama. Ze zei dat ze er niks over kon zeggen en dat begreep hij. Daarna vertelde hij haar dat hij zich de laatste tijd wat eenzaam voelde. Dat hij een gescheiden man met inhammen was. Dat hij van de psycholoog een manier moest vinden om zichzelf te kalmeren. Dat hij een spijkerbroek van een bekend merk had gekocht en naar Tame Impala had geluisterd. Maakte hem dat dan niet hip? Was hij nu geen frisse, volwassen man die bij de tijd was? Hij had zonder het zelf door te hebben Savannah steeds Erika genoemd, wat niet erg bleek te zijn. Toen hij had opgehangen, hijgde hij nog flink na.

Wilma was die ochtend in alle vroegte naar de supermarkt gegaan. Het was nog donker geweest toen ze op haar fiets stapte en toen ze vijf minuten later bij de Lidl aankwam nog. Aangezien ze op maandag al voor de hele week boodschappen in huis had gehaald, hoefde ze vandaag alleen maar de Sinterklaasinkopen te doen en dus trapte ze maar in enkele voordeelaanbiedingen op weg naar het snoepgoed. Daar aangekomen wond ze zich inwendig op over de kleur van de Pieten die ter decoratie in de winkel hingen, ze was een vrouw die moeilijk met verandering om kon gaan. Chocola is toch ook altijd donker, dacht ze, daar windt niemand zich over op. Ze legde twee kilozakken chocoladepepernoten en vijf chocoladeletters in haar kar, voor elk kind een.

Bij de kassa hoefde ze niet in de rij, een van de voordelen van het ochtendshoppen. Het met een hoofddoek getooide kassameisje scande de producten een voor een en Wilma keek ernaar met een gezicht alsof de boodschappen eerst door de varkensstront werden gehaald voordat ze die mee naar huis kreeg. Ze keek weg, om het tafereel niet aan te hoeven zien. Achter haar in de rij stond een man met enkel een netje stuiterballen in zijn mandje. Een gele, een groene en een met alle kleuren van de regenboog. Ze glimlachte naar hem. Uit ongemak, maar ook uit interesse. Wie ging er nou ’s ochtends vroeg naar de supermarkt voor een paar stuiterballen? Vast een Sinterklaascadeau. Een blanke man van haar leeftijd met kinderen. Prettige aandacht van deze man leek haar verre van uitgesloten.

De man glimlachte terug en kwam zelfs op haar af. Hij zei dat hij ze hem zijn brutaliteit moest vergeven, maar dat ze er fantastisch uitzag. Hij vroeg of ze zin had die avond om mee te gaan naar een Sinterklaasconference in de schouwburg, hij had een kaartje over. Dat hij haar bij het afscheid Erika had genoemd, had ze voor lief genomen.

Standaard