Scrabble

Hou je backgammon

In een kringloopwinkel kocht ik een luxe backgammon-set voor 4,50. De doos was gebonden in en gevoerd met leer en voorzien van prachtige schijfjes en dobbelbekertjes. Winkelwaarde: dik dertig euro. Dat is zesenzestig gulden!

We hoefden het spel alleen nog maar te leren.

Via pesten, stressen, schaken, Scrabble, Triominos en Yahtzee waren we hier aanbeland. Pesten werd snel saai. In stressen was mijn vrouw te goed, in schaken ik. Scrabble werd snel saai en triominos was, oh ironie, te eendimensionaal. Yathzee was het enige spel dat ons lang kon en kan boeien, omdat we er allebei even goed in zijn. Het is natuurlijk vooral een kansspel, maar er zit wel degelijk strategie in verstopt. Hoe vaak laat je full house schieten voordat je ‘m tandenknarsend toch maar pakt? Wanneer accepteer je dat je grote straat dit rondje niet vanzelf gaat gooien en dat je die 2, 4 en 5 als begin van je straat moet gaan zien? En wat doe je als je drie enen gooit?

Toch waren we toe aan wat nieuws. Je moet weten: Den Helder is niet de bruisende marinestad die het ooit was. Zaterdags is het centrum net zo leeg als door de week. De enige middenstand die goed boert is de almaar groter groeiende club kringloopwinkels die door de stad verspreid zijn. Er is zelfs een kringlooproute, met een speciaal foldertje en een kaartje.

Echte pareltjes vind je er overigens nauwelijks. Al het servies wordt opgekocht door oude dametjes die mijn vrouw altijd net voor zijn, kleding gaat vooral naar allochtone vrouwen, speelgoed naar kleuters van alleenstaande moeders en tv’s, radio’s en computers belanden bij de vele werkloze mannen van middelbare leeftijd die zich eindeloos in de rondte knutselen.

Het is geen rijke stad.

Puur op de doos kocht ik dus backgammon. Veel van gehoord, nooit gespeeld. Toen ik in de handleiding las dat het al in de tijd van Abraham werd gespeeld en dat Plato het ooit noemde was ik verkocht.

Na een maand onafgebroken stilte is het prettig om je vrouw weer te horen vloeken. Je plaatst een steen van haar op de bar en hoppatee, de verstikkende stilte is weer doorbroken. Dubbel gooien en je dam in z’n geheel verplaatsen en bam! weg die muur van ergernis die met maanden aardappels, groente en een stukje vlees is opgebouwd. Een uurtje na de eerste stappen op het bord kletsten we boven een afbakpizza als verliefde veertienjarigen over de oneindige strategische mogelijkheden.

Saai werd het leven daarna nooit meer. Lachend liepen we door onze prachtige stad, kibbelend over kleine onenigheden en genietend van het hebben van kleine onenigheden. We hadden zelfs weer regelmatig seks, elkaar ophitsend met nieuw bedachte zetten.

Soms dacht ik nog wel eens terug aan de maaltijden van vroeger. Chagrijnig werkte ik dan mijn saucijs in drie happen naar binnen, terwijl mijn dodelijk saaie wederhelft haar aardappels in keurige vierkantjes sneed. De schuine delen van gingen in de koelkast. Op vrijdag mocht ik de restanten van vier maaltijden opbakken en met mayonaise bedekken.

Dat was het enige dat ik mistte.

Standaard