Verhaal #554 • Afgesproken thema: APK

Verstoppertje

Ik speel verstoppertje met het leven. Ik zit verstopt en het leven zoals dat ooit was, kan mij niet meer vinden. Net als mijn kinderen en kleinkinderen. Of ze doen gewoon geen moeite. Dat lijkt me waarschijnlijker.

Sporadisch komt er iemand op bezoek. De ene keer Richard, de andere keer Margot. Soms nemen ze hun partners of kinderen mee, maar meestal komen ze alleen en knijpen ze er binnen drie kwartier weer tussenuit. Dan heb ik ze al tientallen keren met een schuin oog naar de klok zien kijken. ‘Zo pap, doe het rustig aan hoor!’ grappen ze dan.

Behalve op vijf oktober. Mijn verjaardag. Dan neemt de hele familie vrij en zitten ze hier taart te eten, koffie te drinken en me te overladen met cadeaus. De jaarlijkse controle, noem ik dat. Ze komen kijken of ze me het komende jaar nog minder vaak kunnen bezoeken. Ze denken dat ik dement ben, maar hebben geen idee dat ik gewoon dichtklap als ze binnenlopen.
‘Denken jullie nou echt dat ik het toch niet in de gaten heb als er niemand komt?’, mompel ik tegen de kalender die aan de deur hangt. Ik pers, een zacht hhhng ontsnapt me en mijn geur verspreidt zich. ‘Toegegeven. Spraakzaam ben ik niet, maar wat heb ik nou nog te vertellen?’ Toen Marie nog leefde was het gemakkelijker. Marie kletste wel. Ze praatte veel, té veel, maar ik vond dat prettig. Als zij sprak, hoefde ik het niet te doen. En daarom hebben mijn kinderen en ik elkaar nooit iets te vertellen. Ik weet niet wat er in hun hoofden om gaat en zij hebben al helemaal geen idee wat er in mij om gaat. Bovendien interesseert het ze niet.

Behalve op vijf oktober. Dan vragen ze hoe het gaat en vertellen ze honderduit over hun werk, de prestaties van mijn kleinkinderen en de hond die dood is. Ze knuffelen me, aaien over mijn haar en leggen hun handen op mijn schouders terwijl ze achter me staan en vragen of ik misschien nog een Advocaatje met slagroom lust. Alles zodat de ooms en tantes zien hoeveel ze wel niet van hun lieve, oude vader houden. Schijnheilig volk.
Vroeger had ik een hoge dunk van mezelf, en ik dacht echt dat ik sociale kinderen zou krijgen. Dat ze elke zondag met hun koters langs zouden komen, om een potje te kaarten en te kletsen en thee te drinken. Maar nee, mijn nageslacht denkt alleen aan zichzelf en het roest hen aan hun reet dat hun oude vader zit weg te rotten in een verpleeghuis.

Ik pers nog eens. Misschien komt er nog een beetje uit, maar waarschijnlijk niet. Ik ben allang klaar. De rode cirkel om de datum van vandaag zie ik nog als ik mijn ogen sluit. Vijf oktober.
Het kloppen van zuster Albertine negeer ik. ‘Meneer Maas?’, vraagt ze poeslief. ‘Komt u er nu eindelijk eens uit? De taart is al aangesneden en uw Advocaatje staat klaar.’

Ze verrekken maar.



Wie is Linda van Doorn?

Linda is redactrice bij Lef Magazine, dramatisch theaterbeest uit 's-Hertogenbosch en specialist ‘lachen om flauwe grappen’ bij Het Schrijversgenootschap. ‘Ik werk met woorden,’ zei ze op haar sollicitatiegesprek en sindsdien moet ze van ons verplicht tijdens elke redactievergadering de superhandige Schrijversgenootschap-overall™ (met zakken voor alle soorten pennen en notitieblokken!) aan. Linda schrijft sinds februari 2014 voor Het Genootschap en haar indrukwekkende digitale fanschare rept al vanaf het begin van “de beste schrijver op de website”. Daar zijn we dus mooi klaar mee. Drama op de redactie. (JE / HdK) Volg Linda op Twitter →
Standard