Verhaal #540 • Afgesproken thema: Had je bij moeten zijn

Reden voor een feestje

Toen ik het moment uitstelde waarop ik moest erkennen dat er geen toiletpapier meer was, keek ik naar de muur. Daar hing een fotokalender die ik ooit van mijn moeder had gekregen. De hoekjes krulden omhoog en op sommige dagen stond alleen een inktvlek. Mijn moeder was het soort vrouw dat in elke gelegenheid een reden voor een feestje zag. Verjaardagen waren het ergst. Het gerimpelde gezicht op de kalender verraadde dat ik een uitnodiging kon verwachten. Ik voelde aan het papier. Het was dikker dan vier laagjes.

Door Rosalinde Markus

De uitnodiging kwam twee dagen later, in een geparfumeerde envelop met een gedroogde bloem aan de binnenkant. De bloem was geel en had minuscule blaadjes die zo fragiel leken, dat het me verbaasde dat ze het verzendproces hadden overleefd. Ik vroeg me af of ze voor elke kaart een andere bloem had gekozen. Ook dat was typisch mijn moeder: iets gebruiken dat geen mens kende, zodat ze er zeker van was dat niemand haar kon overtreffen. Al was het maar omdat ze de naam van de bloem niet kenden en daarom zoiets sufs als een margrietje zouden gebruiken.

‘Ze geeft een feestje,’ zei Zoë. Met haar slanke vingers pakte ze de kaart. Ze hield niet van feestjes en was daarom precies wat ik zocht. ‘Wat leuk,’ zei ze. Haar stem trilde een beetje. ‘Bereikt hij een speciale leeftijd?’ ‘Nee,’ zei ik. ‘Hij wordt vierentachtig.’

Het feest begon om half tien. Ik had voorzichtig gevraagd of dat niet wat vroeg was, maar daar wilde mijn moeder niets van weten. ‘Zo’n man vindt het alleen maar leuk om ook eens aandacht te krijgen.’ Ik haatte het wanneer ze hem ‘zo’n man’ noemde. Alsof hij anders was dan andere bejaarden. Later besefte ik dat hij dat waarschijnlijk ook was. Hij was vierentachtig en leefde nog.

We gingen met hem mee naar de kerk, waardoor die voor de verandering vol zat, aten een koekje bij de koffie en reden daarna in een stoet naar het buurthuis. Mijn moeder had de grootste zaal afgehuurd en al zijn vrienden, buren en het meisje van de thuiszorg uitgenodigd. Ze praatte met iedereen en vertelde hoe leuk ‘zo’n man’ deze dag vond. Opa zelf zat aan een tafel, omringd door mensen waarvan hij de gezichten vaag herkende. ‘Hier, appeltaart.’ Mijn moeder zette een schoteltje op tafel. ‘Niet op je pak morsen, hoor.’ Zodra ze zich omdraaide, schoof hij het gebakje van zich af.

Ik tikte Zoë aan. ‘Vind je het leuk?’ Ze beet op haar lip. Iets wat ik ongelofelijk sexy vond als het niet in een ruimte vol bejaarden gebeurde. ‘Best wel,’ loog ze. ‘Je opa vroeg of ik je zusje was.’ Ik keek naar opa die nog op dezelfde plek zat met hetzelfde gebakje voor zijn neus. ‘Ach,’ zei ik. Een beter woord om de situatie te omschrijven had ik niet. Ik raakte de blaadjes aan van een gele bloem die in een vaas op tafel stond. ‘Weet jij welke bloem dit is?’ Het was de gele. Ze keek er even naar. ‘Nee,’ zei ze. ‘Ik heb hem nog nooit gezien.’



Wie is gastschrijver?

Dat ben jij! Nou ja, als je een beetje handig met woorden bent. Jouw verhaal ook op de website van Schrijversgenootschap De (Voorheen) Lege Bladzijde? Stuur je beste werk naar info@schrijversgenootschap.nl en laat je lezen!
Standard