De 10 geboden

Lieve angst

Lieve angst,
Ik ken jou wel. Je bent alleen erg veranderd door de jaren heen.

Je was altijd de schim die danste rond mijn nachtlampje, de tandartsstoel, de meester van groep drie. Toen werd je de gele trui die ik aan moest van mijn moeder, de lachende klasgenoot, de vuisten van een dronken man. Je werd een presentatie voor een volle zaal, turbulentie boven zee, een ziekte die stilaan ontkiemt, mijn grote liefde die zei: ‘nee’.

Je was als een oude vriend wiens gezicht langzaamaan verrimpelde, maar die ik altijd nog herkende. Als ik nu naar je kijk, ken ik plots alleen je ogen nog. Vaker dan vroeger verschijn je ongevraagd op drukke plekken: vliegvelden, stations. Op ieder televisienet glijd je voorbij, langzaam, haast verveeld, van journaal naar quiz naar talkshow, en laat een spoor van slijm achter in beeld.

Je maakt veel nieuwe vrienden in je huidige gedaante. Vijf zuilen, tien geboden, duizend smeekbeden: je laat je nergens door tegenhouden. Je bent een bom, een baard, een bank, een bus. Maak ons los uit je warme tentakels, je greep die vele monden snoert, wend je boze ogen af, waarmee je donker naar ons loert.

Ik hoop dat ik je niet laat schrikken? Op een oude vriend kan ik nooit lang kwaad zijn. Je maakt liefde sterker en vreugde zoeter, je maakt keuzes gemakkelijker en sleur bijzonder. “Alles is vergeven”, zei een dappere rebel. Door hem kan ik de woorden spreken: ik heb je lief, angst, dankjewel.

Standaard