Paul de Leeuw

Dierentuinconcurrentie

Het was in de tijd voor smartphones, toen mensen nog zeiden nooit een mobiele telefoon nodig te hebben. Weet je nog? Ik geloof dat we net een Pentium 2-computer hadden aangeschaft, volgend op onze verhuizing naar Amersfoort. Ik was een jaar of tien, mijn zusje en broertje drie en zes lentes jonger.

Moeder had besloten met ons op zoek te gaan naar de dierentuin. Tegenwoordig zou je niet eens de moeite nemen om de locatie van tevoren op te zoeken, maar gewoon op je fiets stappen en halverwege wel ontdekken of je de goede kant op reed. Toen, echter, was dit een avontuur. Op de kaart van Amersfoort had Moeder ontdekt waar de dierentuin zou moeten zijn, en bepakt en bezakt met lunchpakketjes stapten we op de fiets.

Nou, toen waren we er. Ja, ik weet dat je nu meer had verwacht, maar het was echt slechts een kwestie van erheen fietsen. Natuurlijk, alles was nieuw en spannend, maar er gebeurde niets noemenswaardig. Het was gewoon – fietsen. Eén moeder met één kind achterop en twee om haar heen, op eigen fietsen.

Na die eerste ontdekking gingen we heel regelmatig naar de dieren kijken. We namen zelfs een abonnement. M’n foto stond erop.

Onze favoriete dieren waren de stokstaartjes en de olifanten. De stokstaartjes omdat ze zo ontzettend leuk gingen staan en parmantig om zich heen keken. De olifanten omdat ze zo groot waren en omdat er van hun voedertijd echt een belevenis werd gemaakt. Ze kregen hele broden, kroppen sla, kruiwagens appels en wortels. Maar ze moesten wel even een trucje doen voordat ze het eten kregen. Met hun poot omhoog en de slurf tegen hun voorhoofd gekruld. Konden ze goed. En ondertussen vertelde de verzorger dan dat de slagtanden van Jimmy, de bul, best gevaarlijk waren. Man, dat was wat vroeger. Tegenwoordig kijk je even op YouTube naar wat vechtende olifanten, zoek je nog een gifje van een rennend babyolifantje en klaar ben je weer.

Overigens vond ik de leeuw het meest teleurstellende dier. Wat een luie krengen. Eén van de leeuwen, die wij Paul noemden, deed niets anders dan gapend op z’n boomstam liggen. Ongelooflijk luie beesten. Daar heeft het internet dan niets aan veranderd. Ook op YouTube zijn leeuwen, mannetjesleeuwen althans, luier dan het soort paard dat zijn naam aan deze classificatie heeft te danken.

Naarmate we ouder werden gingen we minder vaak. Net zolang tot een abonnement eigenlijk niet meer uit kon, en we zo nu en dan een los kaartje kochten, totdat ook dat niet meer gebeurde. En achteraf gezien kan je de opkomst en acceptatie van het internet er omgekeerd evenredig tegenover plotten. Het is als Bridget Jones’ Diary. De realiteit kan er nooit tegenop.

Standaard