Als Pasen en Pinksteren op één dag vallen

Nee, nee en nog eens nee

Als haar man iets wilde, dan kreeg hij het. Erger nog: Als hij iets niet wilde, dan gebeurde het niet. Ongeacht wat zij wilde. Zo ging het al jaren in hun relatie, ze had het min of meer geaccepteerd. Hij was immers verbaal sterker dan zij.

‘Als we het kwartje van Kok terugkrijgen, krijg jij een Fiat 500 in de kleur Footloose blue’, zei hij toen ze had verteld dat ze al maanden verliefd was op die auto in die kleur.
Ze had genoegen moeten nemen met een groene Daewoo Matizz van veertien jaar oud. De reden was simpel: Kok was geen minister meer en kwartjes waren sinds januari 2002 uit de running.
Toen ze ‘per ongeluk’ folders over trouwbeurzen en feestlocaties rond had laten slingeren, zei hij: ‘Als de hel dichtvriest, gaan wij trouwen.’ Maar hoe konden ze nou controleren of de hel was dichtgevroren? Misschien bestond de hel niet eens. Ze had dus alle foto’s van trouwjurken die ze door de jaren heen op haar computer had verzameld in de digitale prullenbak gegooid. Met pijn in haar hart en tranen in haar ogen, want trouwen was een droom van haar geweest.

‘Als Pasen en Pinksteren op één dag vallen, gaan we voor een kind’, was zijn laatste statement.
Nu had ze hem waar ze hem hebben wilde. Want dát moest geregeld kunnen worden.
Ze begon met het schrijven van brieven. Prop na prop gooide ze in de prullenbak, want het was lastig. Overtuigend overkomen lukte haar niet zo goed. Maar na zo’n twintig correctierondes was ze tevreden.

De plaatselijke pastoor schreef niet eens iets terug. Dat maakte haar boos. Hij kon toch minstens een afwijzing sturen. ‘Astmatische, conservatieve minkukel’, mompelde ze kwaad, toen ze na zeven weken nog niets van hem gehoord had.
De bisschop van bisdom ‘s-Hertogenbosch schreef wél terug, maar ze had het idee dat hij met het verkeerde been uit bed was gestapt. Hij smeet met woorden als ‘heidens’ en ‘duivels’ en schreef dat hij er niets mee te maken wilde hebben.

Ze zocht uit hoe ze hoger in de katholieke hiërarchie moest komen, liet haar brief vertalen en stuurde versies in verschillende talen naar aartsbisschoppen, metropolieten, patriarchen en kardinalen.
Keer op keer ontving ze hetzelfde antwoord: Nee.
Als ze al antwoord kreeg.

Haar laatste hoop was Franciscus. Ze had goede hoop, want deze paus was veel ruimdenkender dan zijn voorgangers. Ze mocht hem wel; hij kwam op televisie heel sympathiek over.
Acht weken later – ze had de goede hoop al opgegeven – kreeg ze antwoord: Hij zou er over nadenken, want hij vond dat er een kern van waarheid in haar relaas zat.
Haar hart maakte een sprongetje, haar eierstokken deden een vreugdedansje.
Zestien weken daarna zag haar man hoe haar gezicht begon te stralen toen ze de zaterdagkrant uit de bus haalde. Ze smeet het dagblad triomfantelijk op tafel en spoelde haar anticonceptiepillen door het toilet.
Op de voorpagina schreeuwden de woorden, groot als chocoladeletters, hen toe:
‘Paus Franciscus schaft tweede paasdag én tweede pinksterdag af’

Standaard