WK voetbal

Bucketlist

Maanden geleden was ze begonnen met het afstrepen van dingen op haar bucketlist. Ze had de belangrijkste zaken geregeld en was vertrokken. Nu ging ze haar derde maand Zuid-Amerika in. Andere Nederlandse toeristen had ze al die tijd gemeden, maar vandaag zat ze in een volgepakt stadion tussen haar landgenoten. Het was overweldigend. Meer kon ze er niet van maken. Ze stonk naar zweet en werd verblind door de oranje vuurbal van T-shirts om zich heen. Ver onder zich zag ze tien oranje en tien roodgele poppetjes achter een bal aan rennen. Ze had geen idee wie de spelers waren, maar dat deed er niet toe. Ze kon nog iets van haar bucketlist afstrepen en dat was het belangrijkste. Een wedstrijd van Oranje bezoeken was al een Thing-To-Do-Before-I-Die sinds ze haar vader euforisch van voetbalwedstrijden terug zag komen. Euforisch en dronken. Ladderzat meestal.

Afkeurend gejoel steeg op. ‘Wat gebeurt er?’, vroeg ze aan haar oranje bebaarde buurman. ‘Hij fluit voor buitenspel, die hondenlul!’, schreeuwde hij terug. Ze wilde vragen wat buitenspel betekende, maar snoerde zichzelf de mond door een slok bier te nemen. De drank was lauw geworden door de hitte en ze moest kokhalzen. Ze zette het halfvolle bekertje bij haar voeten en schopte het omver. Nog tien minuten tot de rust. Over acht minuten zou ze haar plaats verlaten en nieuw bier halen, zodat ze de drukte voor was.

De wedstrijd kon haar gestolen worden. Ze snapte weinig van voetbal, maar de sfeer in het stadion had ze niet willen missen. Toen ze de trap naar de bovenste ring had beklommen, was ze zelfs een tikje zenuwachtig geweest. Op het moment dat ze de ring betrad, had ze zich vast moeten grijpen. Het duizelde haar. De grootte van het stadion zorgde ervoor dat zij zich kleintjes voelde. Als een miserabel sterretje in het complete universum. Ze snikte even kort, om het euforische gevoel dat bezit van haar nam de kop in te drukken. Dit was waarschijnlijk wat haar vader had gevoeld. Nee, dit was veel meer… Hij ging altijd naar NEC; het Nederlands Elftal op het WK in Brazilië was van een heel andere orde.
De muziek, tromgeroffel, een verdwaalde vuvuzela uit 2010, oerkreten van de supporters en het bier verdoofden haar. Ze was hier, in haar eentje op rondreis door Zuid-Amerika en in haar eentje in een volgeladen voetbalstadion op het WK. Het gevoel van dat ene miserabele sterretje groeide uit tot iets enorms. Ze werd de zon. Tranen liepen over haar wangen. Puur geluk stroomde door haar aderen en zette zich vast in haar hart. ‘I did it my way’ dreunde door haar hoofd.
Ze stond op om bier te halen en tegelijk met haar sprongen duizenden oranjegekleurde mensjes op. Gejoel, geschreeuw, uitingen van puur geluk, armen gingen omhoog, de tribune kermde onder het springen en stampen van de menigte. De stadionomroeper werd overstemd door muziek die harder en harder werd. Ze juichte en sprong mee, voelde hoe een elleboog in haar zij werd geplant en liet zich in de uitgestoken armen van de oranje bebaarde buurman vallen. Gedeeld geluk. Het eerste Nederlandse doelpunt was een feit. Spanje ging met de staart tussen de benen de rust in.

Standaard