Lingo

Dingen gebeuren

Een paar seizoenen Lingo heb ik moeten missen. Het was in de jaren 2001 tot en met 2005, Nance was de presentatrice en Marja was bij me weg. Op een maandagavond, net na het eten, stond ze ineens in de woonkamer met een weekendtas. “Ik ga naar mijn moeder,” zei ze en voor lange tijd was dat het laatste wat ze tegen mij had gezegd en was het wat ik op verjaardagen en over de telefoon herhaalde tegen vrienden en familie.

In een boek van Ronald Giphart las ik eens dat verdriet voornamelijk in details zit. Die zin ben ik pas gaan begrijpen toen Marja er niet meer was. Ik kon nog zo mijn best doen om me groot te houden gedurende een dag, iets kleins kon me ineens terugwerpen in groot verdriet. Een liedje op de radio dat ze leuk vond of juist waardeloos, de zon in het park waar we allebei zo graag in lopen, een nieuw boek van een schrijver waar ze alles blind van las, de geur van aardbeienthee…

Ik had Marja niet om uitleg gevraagd. Dat ze me verliet, was exemplarisch voor de trucs die het leven altijd al met mij uithaalde. Ik kon nog zoveel plannen bedenken, maar uiteindelijk gebeurde er altijd wel iets dat ik nooit had zien aankomen en alles weer anders maakte. Was het iets negatiefs dan noemde ik het een ramp, was het iets positief dan noemde ik het een wonder.

Marja was een wonder.
Haar vertrek een ramp.

In de eerste paar dagen van haar afwezigheid vluchtte ik in drank en Lingo. Maar waar het televisiespel mij vroeger een goed begin van de avond bezorgde, kwam ik er al gauw achter dat Marja’s vertrek dit definitief had veranderd. Nance kon nog zo vrolijk de kandidaten vragen wat voor werk ze deden en hoe ze elkaar hadden leren kennen, met elke aflevering werd ik er depressiever van. Het was alsof ik Marja in elke vrouwelijke kandidaat zag en mijzelf in elke mannelijke. Wij stonden daar, avond na avond, achter een desk het beste woordspel ooit te spelen. Als een team, een belachelijk goed geolied team. Binnen drie beurten hadden we woorden als ‘flink’, ‘jofel’ en ‘later’ geraden. We deden ons van te voren afgesproken vreugdedansje en enthousiast graaiden we naar de groene ballen. Kijk ze eens gelukkig zijn, die ellendige kandidaten.

Ik kon het niet meer aanzien.
Lingo was een ramp geworden.

Als je er achter komt dat je verdriet niet alleen in details zit, maar ook in grote, belangrijke dingen, val je in een zwart gat. Het was lastig voor me om de gedachte te onderdrukken dat ik nu alles kwijt was waar ik vroeger zo hartstochtelijk voor leefde.
Ik ging steeds vaker naar de kroeg, hier om de hoek. Meestal al meteen na mijn werk. Daar zat ik dan aan de bar met een pilsje of vijf per uur. Soms kwam er iemand naast me zitten, vaker niet.

Na een jaar of vier was dat ook over. Crisis, de kroegbaas kreeg de boel niet meer rond. Van de een op andere dag was-ie dicht. Ik had natuurlijk een nieuwe plek kunnen zoeken voor mijn naderend drankprobleem, maar dat klonk als te veel gedoe voor een man die alles verloren had in het leven. Ik zette het drinken daarom voort in eigen huis en in volkomen stilte.

Op een woensdagavond, net na de magnetronmaaltijd, stond ze in de woonkamer met een weekendtas. “Ik ben terug,” zei ze en zocht een plekje naast me op de bank. Ik zette de televisie aan en samen raadden we het woord ‘lente’ na drie beurten.

Standaard