Lingo

Frederiks Fiasco

Frederik is nooit een angstvallig persoon geweest. Wij noemen hem altijd Wrede Rik. In huis is hij altijd prominent aanwezig, een haantje de voorste. En ja, hij werkt op het advocatenkantoor van zijn vader, maar volgens mij weet niemand wat hij daar precies doet. Lucky bastard.’

‘Ja, zwart, zonder suiker. Lekker. Goed, het is dus zo dat Frederik binnenkort mee zou doen aan Lingo. Na lang aandringen had zijn moeder het eindelijk voor elkaar dat ze hen als team mocht opgeven. De opnames staan eigenlijk over ruim een week gepland. Dit alles heeft ervoor gezorgd dat Frederik ineens in een soort constante zweem van paranoia leefde. Ik vond het vreemd. Ik kon niet geloven dat het alleen door Lingo kwam.’

‘En toen? Toen kwam hij erachter dat ze bij Lingo de kandidaten altijd grondig checken. Of je geen gekkie bent, zeg maar. Of je weleens in aanraking bent gekomen met justitie. Of je weleens kinderporno kijkt. Of je weleens op inschrijvingsformulieren van jihadstrijders googlet. Waar je tankt, of in- en uitcheckt met je ov-chipkaart. Of je de waterschapsbelasting op tijd betaalt. Waar je op school hebt gezeten. Al je bankgegevens. Waar je gepind hebt.
Creditcards. Al dat soort gezeik wat jullie tegenwoordig nodig hebben om boeven te vangen, omdat jullie incapabele arbeiders zijn.´

´Sorry, sorry. Ik zal op mijn woorden passen. Maar goed, op zich was er dus nog niks aan de hand voor hem. Er was niks waar hij op gepakt kon worden. Ja, er was een foto op Instagram waar hij op stond met dat pak aan, maar daar kon je moeilijk mee bewijzen dat hij het gedaan heeft. […] Hij had een tijgerpak aan, net als ongeveer vierhonderd andere gasten die avond.’
‘Maar goed, dat maakte Wrede Rik dus meer een Afraide Rik. En mij een slimmerik. Ja, ik vind mezelf leuk. Frederik heeft me, toen ik hem confronteerde, alles verteld. Eerst maakte hij zichzelf een paar keer uit voor Ontzettende Kleffe Tosti en Ongelooflijke Berelul. En hij zei de hele tijd dat het niet de bedoeling was geweest. Hij had het niet van tevoren uitgedacht, of zo. En toch leek het de perfecte verkrachting, hoe cru dat misschien ook klinkt.’

‘Uitleggen? Goed. Na een verkleedfeestje op de toko was hij ontzettend dronken, vies en overstuur geraakt. Normaal heeft hij niet zo’n kwade dronk, maar zo’n ontzettend waakvarken had over zijn goede schoenen heen gevomeerd. Dat zag ik trouwens nog gebeuren. Dus was hij boos. En dus moest er een weerloos hertje als prooi fungeren. Zo gaat dat. Maar normaliter nooit op deze manier, natuurlijk. Laat dat vooropstaan.’

‘Hij is geregeld zo ontzettend kogellam dat hij niks meer van een avond weet. En die avond was geen uitzondering, hoor, wat het een wonder maakt dat hij alles nog zo goed voor de geest kon halen. Hij vertelde me alles, tot in detail. De naam van het steegje dat hij haar induwde. Elke keer dat hij zijn ogen dicht deed, zag hij alles voor zich, zei hij. Het straatnaambordje van de Trompettersteeg. Hij vertelde hoe hij haar een klap gaf, waardoor ze haar bewustzijn verloor. Hij beschreef de spetters bloed op zijn tijgerpak. Haar open mond, maar gesloten ogen. Hoe hij haar Duitse lederhosenjurkje omhoog trok en kapot scheurde. Dat hij nog een condoom om wist te knopen..’

‘De reden dat ik naar u toe ben gekomen? Het is een klootzak. Altijd die opmerkingen. Over mijn vader, over waar ik vandaan kom. Ik reageerde nooit. In huis noemen ze mij stille Willy. En ik dacht: als ik naar jullie ga, krijg ik eindelijk gerechtigheid. Om te beginnen: in zijn plaats, met zijn moeder, naar Lingo.’

Standaard