Verhaal #275 • Afgesproken thema: De Waddenzee

Modderfiguur

Het was niet de eerste keer Texel voor Walter. Twee jaar geleden was hij er met zijn vorige vriendin en haar ouders geweest voor het veel te belangrijk gemaakte Weekendje Wadlopen, zoals het in meerdere agenda’s had gestaan.

Het was bedoeld om hem beter te leren kennen. Grijnzend had hij na de eerste stap gezegd: Zo, en nu aan de alcohol. Hij wist niet precies waarom, dat soort opmerkingen maakte hij doorgaans nooit. Grijnzen was eigenlijk ook niet zo slim, dan moest er weer gedept worden.
Hij mocht natuurlijk geen alcohol, dat was de grap. Maar de drie lachten niet, voor hen was wadlopen kennelijk een serieuze aangelegenheid. Dus banjerde Walter urenlang door het slijk, naast zijn toenmalige vriendin en achter zijn schoonouders, net dichtbij genoeg om hun gesprek te kunnen horen.
‘Moet ze wel met zo’n jongen in zee gaan?’ hoorde hij haar moeder zeggen.
‘In zee gaan. Leuk, Petra. Maar ik snap wat je bedoelt. Het blijft toch een… je weet wel.’
Vlak daarna was Walter uitgegleden en voorover gevallen. Het weekend werd omgedoopt tot Middagje Modderhappen en diezelfde middag nog had hij er een punt achter gezet. Zonder iets te zeggen had hij de bus naar de boot gepakt en eenmaal in Den Helder had hij tot diep in de nacht ontgoocheld rondgedwaald.

En nu stond Walter er weer. Aan het eind van het duinpad, maar het begin van het strand. Hij wachtte even of er eenzelfde gevoel terugkwam. Maar, nee. Hij was niet bang, maar hij vond het ook niet vervelend dat er deze keer geen ouders bij waren. De hele afdeling was wel mee, maar toch voelde het voor hem als een liefdesuitje. Hij kende haar pas drie maanden, maar hij wist dat het goed zat. Dat merkte hij aan alles.
Walter vond het jammer dat Erwin, zijn beste vriend van de woongroep, niet meekon. Maar als je niet kan lopen, kan je ook niet wadlopen. Zo simpel was het, vond hij.
Als Erwin hem vroeg hoe het ging, begon hij over de leuke kleine dingen. Want dat is waar je het altijd aan merkt, wist hij. En dan vertelde hij over zijn verjaardag en het briefje op de gemeenschappelijke koelkast, waarop stond: ‘Sorry, Walter. Ik weet niet zo goed hoe lang je taart kan bewaren, dus ik heb hem opgegeten. Liefs, Juf Lotte.’
Of hij begon over die ene keer dat ze niet door had dat ze een likje jam op haar gezicht had, en hij die had weggehaald met zijn zakdoek. Die had hij vervolgens onder zijn kussen bewaard. Af en toe haalde hij hem tevoorschijn en rook hij eraan, vlak nadat de lichten uit werden gedaan. En in het muziekuurtje op woensdagmiddag vroeg Walter altijd of het nummer Halo van Beyonce gedraaid mocht worden, want hij had haar horen zeggen dat het haar lievelingslied was. Zelf kon hij niet zo goed Engels, hij sprak de titel altijd uit als Hello, maar hij vond het wel heel mooi.
Daar stond ze, bij de waterkant. Ze bevond zich nog net op een droog stuk en stond koppen te tellen. Ze had een kort spijkerbroekje en een windjack aan en liep op oude gympen. Door het aanzien van haar strakke, blote kuiten was Walter zijn emoties niet langer de baas en rende hij in giechelende draf over het strand. Hij ging recht op haar af. In al zijn enthousiasme schoot hij voorbij aan het feit dat het vrij glad was op het wad. Hij kon niet meer remmen en vloog samen met haar het donkere modderwad in.
‘Walter! Wat ben je voor stomme m…’ Ze slikte nog net het laatste woord in.
Walter stond met zijn mond vol tanden en modder. Hij keek naar de overkant van het strand, naar het begin van het duinpad, en zette het op een lopen.



Wie is Matthijs van Asselt?

Matthijs van Asselt is komiek, held en neus van beroep. Als hij zich niet afvraagt hoeveel vorken er in de wereld zijn, dan berijdt hij wel een groene tractor of geeft hij zomaar grasmaaiers weg via Facebook. Dat absurdisme typeert de schrijver Matthijs van Asselt waarbij niet alles lijkt zoals het is en zeker niet alles is zoals het lijkt en als het wel lijkt zoals het is, dan moet je er vooral niks anders achter zoeken, want het kan niet altijd raak zijn. Desondanks is Matthijs de absolute publiekslieveling van Het Schrijversgenootschap zoals Dirk Kuyt dat ooit bij Liverpool was. (JE / HdK) Volg Matthijs op Twitter →

Standard