Verhaal #248 • Afgesproken thema: Grijs

Rotsvast geloof

In de woonkamer staan we zwijgend tegenover elkaar. Na het telefoontje van haar moeder zijn we beide zo snel mogelijk gekomen.

Toch zijn we te laat.
Het is reeds gebeurd.
Ik zucht en zie dat deze toch al grijze maandag langzaam door het zwart van de avond wordt opgeslokt. 10 februari zal vanaf nu elk jaar donker omrand zijn.
‘Ik weet het,’ zeg ik en druk haar tegen mij aan. Mijn armen om haar heen, haar tranen over mijn sollicitatieoverhemd.
‘Ik weet het,’ herhaal ik. ‘Ik weet het, Marlies.’
Ze knikt en snikt en pakt mij stevig vast. De rots die ik altijd beloofd heb te zijn wanneer nodig, treedt vandaag in functie. Ik moet nu de zaken bij elkaar houden. Rustig blijven en de situatie overzien.
‘Laten we gaan zitten,’ zegt haar moeder. ‘Je moet echt even gaan zitten, Marlies.’
Langzaam begeleid ik haar naar de bank. De mand staat nog er naast. Ze ziet het ook en kruipt nog dichter tegen mij aan. Mijn rechterhand door haar haar. Een kus bovenop haar hoofd.
‘Abel was een lieve hond,’ zeg ik.
‘We hielden allemaal van hem,’ vult haar moeder aan. ‘Zelfs je vader, op zijn manier.’
‘Waar is hij eigenlijk?’ vraag ik.
‘Boodschappen doen,’ antwoordt haar moeder. ‘Op maandag is het rustiger dan in het weekend. Zal ik koffie zetten?’
Ik knik en fluister tegen Marlies dat alles goed komt, maar wat dat precies voor deze specifieke situatie inhoudt, weet ik ook niet.
Toch is het iets wat een rots hoort te zeggen. Alles komt goed.

‘s Avonds haal ik Chinees. Aan koken moeten we beiden even niet denken. Met de bakjes voor ons op de koffietafel en een bord op schoot kijken we televisie.
Met kleine hapjes eet ze van haar babi pangang.
Ik wijs met mijn vork naar het bakje en vraag of ze weet hoe ik dat vroeger noemde. Zonder haar antwoord af te wachten zeg ik dat het Bami Pang Pang was. ‘Pas toen ik ging studeren kwam ik erachter hoe het echt heette. Mijn huisgenoten lachten me vierkant uit toen ze me het eens hoorden bestellen. Wist ik veel. Ik kom uit Drenthe.’
Een waterig lachje.
‘Misschien had je er bij moeten zijn.’
Ze neemt nog twee kleine hapjes en zegt dan dat ze maar naar bed gaat.
Een vluchtige nachtzoen later is ze weg.
Ik zap wat en blijf uiteindelijk hangen bij de zoveelste herhaling van The Lord Of The Rings. Een andere wereld is even meer dan welkom.

Als ik de slaapkamer zachtjes binnenkom, zie ik dat ze nog wakker is.
‘Kun je niet slapen?’ vraag ik en ga aan haar kant van het bed zitten. Zelfs met alleen het maanlicht door de dunne gordijnen kan ik zien dat ze heeft gehuild.
‘Het lukt niet,’ zegt ze zacht. ‘Ik mis ‘m zo, Mark.’
Ik strijk met mijn hand door haar haar.
‘Ik ook. Abel was een lieve hond.’
Een kleine glimlach op haar gezicht.
‘Hij vond jou ook lief,’ zegt ze. ‘Dat kon ik zien.’
‘En terecht. Ik ben ook hartstikke lief.’
Nu lacht ze echt. Ik ben een rots die ook nog eens grappig is.
‘Weet je, ik moest vandaag ineens denken aan een liedje van Nick Cave,’ zeg ik, onderwijl haar hand strelend. ‘Rock of Gibraltar, ken je die?’
‘Volgens mij niet.’
‘Het is een heel mooi liedje. De ik-persoon vertelt tegen zijn geliefde dat ze alles aankunnen als ze er samen maar in blijven geloven. Ergens in het midden zingt hij “You’d stand by me / And together we’d be / That great, steady Rock of Gibraltar”. Dat vind ik zo’n krachtig beeld, omdat het volgens mij precies vertelt waarom de liefde zo mooi is: samen kun je alles aan, ben je zo sterk en stevig als een rots. Dat het allemaal aan het einde van het liedje toch nog mis gaat, moet je voor het gemak even vergeten.’
‘Oké, doe ik,’ lacht ze. ‘Maar die zin is inderdaad heel mooi.’
‘Het heeft ook iets Bijbels,’ ga ik verder. ‘Niet zozeer de Rots van Gibraltar zelf, maar er is wel een psalm waarin de ik-persoon z’n liefde voor God omschrijft als de rots van zijn bestaan. Psalm 73, volgens mij. Ik moest ‘m op de basisschool uit mijn hoofd leren. De rest weet ik niet meer, maar dat stukje heb ik altijd onthouden. De rots van mijn bestaan: zo mooi en krachtig omschreven.’
‘Ja,’ zegt ze. ‘Heel mooi inderdaad.’
Dan komt ze ineens overeind.
‘O shit! Het spijt me zo, Mark! Ik heb helemaal niet gevraagd hoe je sollicitatiegesprek vandaag ging.’
Ik zucht en ze weet genoeg.
‘Komt wel goed, Liesje. Nu eerst proberen wat te slapen.’

(Voor de liefhebber: Nick Cave & The Bad Seeds – Rock Of Gibraltar)



Wie is Harm de Kleine?

Harm zit in de media. Harm zit in de muziek. Harm houdt van grappige grapjes waar je om kunt lachen. Harm kijkt graag naar de Rijdende Rechter. Harm koopt zelf zijn sjaals, want ook dat is Harm. Harm kon vroeger heel goed voetballen. Harm heeft later een eigen comedyserie op televisie. Harm zal ooit te gast zijn bij De Wereld Draait Door. Want Harm wordt beroemd. Al zal hij dat zelf zo niet zeggen. (JE) Volg Harm op Twitter →
Standard