Verhaal #232 • Afgesproken thema: Vacature

Toedeledokie

Adriaan las de sollicitatiebrief nog eens kritisch over, maar hij had het eigenlijk al na een eerste snelle scan gezien.

Een prima eerste alinea, verrassend middenstuk, sterke motivatie en een overtuigende handtekening: dit ging voor Gerard gewoon een kwestie van binnen koppen worden.
‘Waarom solliciteer je eigenlijk?’ vroeg Adriaan en hij gaf de brief terug aan Gerard, nu nog zijn collega bij Administratiekantoor Datema, gevestigd aan Hoofdweg 53 in Workum. Het was rustig op straat, zelfs voor een dinsdagochtend.
‘Ik moet hier weg, Adriaan. Anders komt het niet goed.’
‘Met wat?’
‘Gewoon. Met mij.’
‘Ben je niet gelukkig?’
Zelf schrok Adriaan ook van die vraag. Het was eruit voordat hij het door had. Sinds de zomer van 1999, toen Gerard als junior dataverwerker naast hem kwam zitten, waren ze goede collega’s van elkaar. Ze lachten meteen om dezelfde flauwe grappen, konden beide ineens spontaan de Stiften-scene uit Jiskefets Debiteuren Crediteuren naspelen, maar vrienden waren ze nooit geworden. Na half zes ’s avonds tot de volgende ochtend half 9 spraken ze elkaar niet. Geen sms’jes, geen whatsappjes en zeker geen gepraat over gevoelens. En het werkte.
‘Om je heel eerlijk te zeggen,’ begon Gerard, ‘ben ik al jaren niet gelukkig, nee.’
‘Gjuh,’ zei Adriaan en hij haalde zijn schouders op zoals Edgar dat ook altijd deed in Debiteuren Crediteuren, maar Gerard kon er niet om lachen.
‘Ik meen het. Misschien ben ik wel depressief.’
‘Wauw,’ antwoordde Adriaan. ‘Depressief. Heftig. Loop je ’s avonds de hele tijd te huilen?’
‘Het is best zwaar soms.’
‘Oké. Leuk voor die vrouw van je.’
De collega’s keken elkaar aan, maar zeiden nu niks meer. Wat viel er ook nog te zeggen? Gevoelens waren hardop geuit. Het was een rare dag op administratiekantoor Datema, gevestigd aan Hoofdweg 53 in Workum. Er reed geen auto voorbij.
Het geluid van een trillende telefoon verbrak de stilte.
‘Een e-mailtje,’ zei Adriaan en hij ging met zijn vingers over het schermpje. ‘Zo’n ellendige nieuwsbrief. Ze blijven die rotzooi maar sturen. Misschien moet ik een nee-nee sticker op mijn mailbox plakken.’ Ongelezen legde hij de telefoon weer neer.
‘Maar je vindt het dus een goede brief?’ vroeg Gerard.
Adriaan knikte. ‘Niks meer aan doen. Leuk ook met die lichtelijk erotische anekdote over je oma in de hongerwinter. Pakkend, moet ik je nageven.’
‘Ja? Daar twijfelde ik heel erg over, maar Marieke zei dat ik het gewoon moest doen.’
‘En gelijk heeft ze. Je moet opvallen. Dit soort bedrijven krijgen natuurlijk stapels met sollicitatiebrieven binnen. “Is dit het kantoor met die populaire vacature? Hier weer drie postzakken met brieven.”’
‘Denk je?’
‘Dat weet ik wel zeker. Iedereen solliciteert maar naar een nieuwe baan tegenwoordig. Soms denk ik dat mensen niet meer gewoon gelukkig kunnen zijn met wat ze hebben. Altijd dat gezoek naar beter zonder echt te weten wat dat beter dan is. Nee, dan mijn vader. Mijn vader was 43 jaar bij dezelfde werkgever stratenmaker.’
’43 jaar,’ herhaalde Gerard.
‘Ja, en dat zouden er meer geweest zijn als hij niet vanwege een hernia eerder had moeten stoppen. Maar hij klaagde nooit. En weet je waarom?’
‘Nou?’
‘Omdat hij wist wat hij had: een vast inkomen, een aardige vrouw en een bijzonder knappe en intelligente zoon in mijn persoontje. En dat was voor hem al het geluk dat hij nodig had.’
‘Vind je mij een aansteller, Adriaan? Probeer je dat soms te zeggen?’
‘Jongen, als jij weg wilt, moet je vooral weggaan. Een nieuwe collega is gauw genoeg gevonden. Toedeledokie!’



Wie is Harm de Kleine?

Harm zit in de media. Harm zit in de muziek. Harm houdt van grappige grapjes waar je om kunt lachen. Harm kijkt graag naar de Rijdende Rechter. Harm koopt zelf zijn sjaals, want ook dat is Harm. Harm kon vroeger heel goed voetballen. Harm heeft later een eigen comedyserie op televisie. Harm zal ooit te gast zijn bij De Wereld Draait Door. Want Harm wordt beroemd. Al zal hij dat zelf zo niet zeggen. (JE) Volg Harm op Twitter →
Standard