Wraak

Pieter haatte dingen

Pieter haatte dingen. Dat was zijn ding en dat haatte hij. Hij haatte fluitende vogels, zonsopgangen, softijs en gebreide sjaals.

Sommigen zeiden over Pieter dat hij een grafhekel had aan dingen, maar zelf ontkende hij dat ten stelligste. Dat soort gezeik, zei hij dan, dat haat ik.

Pieter haatte ook zijn vermogen om best trots op zijn vermogen om dingen te haten. En als hij lang genoeg nadacht over die situatie kreeg hij hoofdpijn en als er één ding was dat hij haatte, dan was het dat wel.

Op een slechte dag (al waren alle dagen slechte dagen, wat Pieter betreft) bevond Pieter zich in een file. Het was de file tussen Dedemsvaart en Coevorden, die er eens in de vierentwintig jaar stond. De reden voor zijn aanwezigheid in deze file was simpel, maar tragisch: hij had een sollicitatiegesprek in Coevorden dat over vijf minuten begon.
De Renault Mégane, waar Pieter zich in bevond, had in al zijn wijsheid besloten dat de laatste drempel voordat Pieter de snelweg bereikte het punt moest zijn om de radio op een der hogere volumes vast te zetten op Q-music. Tot overmaat van ramp besloot de computerDJ die bij deze prachtzender de dienst uitmaakte, dat het nu tijd was voor ‘Rockstar’ van Nickelback. Met geen mogelijkheid kreeg Pieter, in zijn haast en haat, deze marteling uit z’n oren.

De vijf minuten voordat het gesprek ging beginnen volmakend, molesteerde hij het toch al niet zo propere interieur van zijn Renault, alvorens hij zijn hoofd op het stuur liet zakken en daarbij de claxon als een last post liet dreunen.

Nog weer vijf minuten later werd Pieter gebeld door het bedrijf waar hij naar op weg was. Dat het niet meer nodig was, dat zijn te laat komen wel goed uitkwam omdat ze de vacature bij nader inzien toch liever intern gingen invullen, dat het hen ook speet, dat ze hem nog veel succes wensten bij het vinden van een baan. Pieter haatte die clichés.

Toen de file een half uur later in een tweetal minuten oploste, zag Pieter zijn kans schoon. Hij trok hard op, terwijl Q-music nu onverstoorbaar We Are The World opzette. Pieter haatte liefdadigheid, wat hij de tweede versnelling liet merken. Op een kilometertje of honderddertig, Pieter haatte de honderdtwintig, gooide hij het stuur om naar rechts en liet de Renault omslaan en doorrollen. Pieter had ooit besloten de airbags uit z’n auto te laten verwijderen omdat hij die dingen nou eenmaal haatte, wat nu niet zo goed uitkwam.

Zo stierf Pieter. De reddingsdiensten vonden hem zo goed als geplet tussen het verwrongen metaal van een compleet gesloopte auto. De brandweermannen die hem eruit plukten droegen oordoppen om Gotye’s Somebody That I Used To Know maar niet te horen.

Standaard

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *