Verhaal #146 • Afgesproken thema: Hoogmoed

Vluchtgedrag

Pim was de grootste en mooiste struisvogel van de vlakte met de berg in het midden. Er ging in de struisvogelgemeenschap zelfs een gerucht rond dat hij bovendien de grootste en mooiste struisvogel van alle vlaktes was.

Niemand wist of het waar was, maar voor de zekerheid gedroeg Pim zich er maar wel naar. Plebs, zei hij wel eens, wat moeten jullie blij zijn dat jullie zo’n prachtige struisvogel in jullie midden hebben. Daar keek hij voldaan bij.
Pim was wel de grootste en mooiste struisvogel, maar ook de minst grappige. Hij had zogezegd een beperkt grappenwoordenboek. En dat terwijl struisvogels over het algemeen hilarische dieren zijn. Ken je dat fabeltje dat struisvogels hun hoofd in het zand steken als ze bang zijn? Dat is gewoon door een struisvogel bedacht, tijdens het foerageren. De kudde heeft weken dubbel gelegen van het lachen. En toen een onderzoeker deze kudde ontdekte was er net eentje aan het voordoen hoe dat dan zou lijken. Alle andere struisvogels moesten zo hard lachen dat hun hoofd tegen hun enkels klapten. Zo is die grap groot geworden.

Maar goed, Pim had die gave dus niet meegekregen. Zijn beste grap ging als volgt:

Eerst ging Pim stilletjes achter een andere struisvogel staan.
Daarna gaf hij een enorme schop tegen de billen van die struisvogel.
Die struisvogel schrok daar natuurlijk zo van, dat hij keihard wegrende.
Pim zei dan tegen de andere struisvogels: “Hij schrok zo dat hij vergeten is hoe hij moet vliegen!”
Daarna lachte Pim hard.

De eerste vijfhonderdvierendertig keren dat Pim dit deed vonden de struisvogels dit nog wel leuk. Zo konden per slot van rekening ook niet vliegen, dus klopte wat hij zei, wat het grappig maakte. Ik zei al dat ze een goed gevoel voor humor hadden.

Afijn, na de vijfhonderdvijfendertigste keer was de maat toch een beetje vol. Ze waren maar met z’n twaalven, dus ieder van hen was toch al gauw vierenveertig keer geschrokken weggerend. Daarnaast was de grap er in die acht dagen sinds Pim hem had bedacht ook wel een beetje afgeraakt. Ze besloten dat het tijd was om Pim eens terug te pakken.

Die nacht lag Pim op zijn grootse en prachtige wijze te slapen. Hij had zijn nek verder en langer over de grond uitgestrekt dan wie ook in de kudde. Normaal gesproken dan, want alle andere struisvogels waren wakker. Heel stilletjes liepen ze met twee grote planken van triplex naar hem toe. Ze bonden de planken aan Pims vleugels vast en ging met z’n allen achter hem staan. In de verte zagen ze de zon opkomen. Toen namen ze een aanloop en schopten Pim in één keer heel hard tegen zijn billen.
Pim schrok natuurlijk, en begon heel hard weg te rennen. Maar door de platen van triplex en de hoge snelheid die struisvogels tijdens een sprint bereiken, werd de druk onder Pims voeten langzaam minder. Net zolang tot zijn voeten in het luchtledige maaiden. Hij was de eerste vliegende struisvogel in jaren. En onder hem lachte de kudde: “Hij schrok zo dat hij weer geleerd heeft te vliegen!”

Niemand heeft Pim ooit weer gezien.



Wie is Jan Emmens?

Die krullen, altijd weer die krullen. De krullen op het hoofd van geboren Fries Jan Emmens zijn in de Amsterdamse kroegen tegenwoordig minstens zo bekend als de nooit uit de mode rakende hits van André Hazes. Maar pas op, Jan is meer dan die krullen. Soms draagt hij bretels en bij heel speciale gelegenheden zelfs een stropdas. En dat proef je in z’n schrijven, die totale gekte en lak aan stijlregels. Van negen tot vijf hangt Jan de copywriter uit en dan is er ook nog die in de steigers staande comedyserie waar Nederland volgens hem al jaren op wacht. (HdK) Volg Jan op Twitter →
Standard