Verhaal #131 • Afgesproken thema: Karaoke

Zingen

Buiten is het donker van de nacht langzaam plaats aan het maken voor de zondag. Binnen klinken de laatste klanken van When You Say Nothing At All, van Ronan Keating.

Ik hoefde niet lang na te denken, toen Wim whatsappte. Natuurlijk komen we nog even karaoke doen. Het geeft niks dat het al vijf uur ’s ochtends is. Voor karaoke kom ik m’n bed altijd uit.

Het is nog best wel vol, in The End, onze favoriete tent. Een man of tien, denk ik. Eén van hen begint net aan het bekende Voulez-vous Coucher avec Moi. Klassiekertje. Wim staat aan de bar tegen een of ander blond grietje aan te kletsen. Hij zal morgen wel weer roepen dat hij een Doutzen-lookalike had geregeld. Ik ken die grapjes van ‘m wel, tegenwoordig. Ik neem wel een foto van ‘m, zo. Ah, de Indische barvrouw is er ook. Ze is er altijd. We noemen haar Coby. Elke keer als we een biertje van haar krijgen zeggen we “hij is weer heerlijk, Coby”. Net als die reclame van Cup-A-Soup.

Een kwartier later staan Wim en ik te blèren op Eye of the Tiger, ons nummer. Niemand van de genoemde aanwezigen heeft aandacht voor ons. Coby staart wat naar buiten, naar de hordes Britse lapzwansen die door de straat waggelen. Nee, dan heeft ze liever echt Hollandse jongens, denk ik. Geen idee waarom, maar ik ga er gewoon even vanuit, voor het gemak.

Het zal nu een uur of zeven zijn. Ik kan geen bier meer zien, maar toch bedank ik Coby nog maar eens voor het héérlijke soepje. Het draait allemaal een beetje. En omdat ik altijd rustig wordt van alcohol sta ik nu tegen een muur aan te leunen. Wim en z’n blonde grietje zijn bezig met een innig duet. You Are The One That I Want. Grease. Uiteraard. Want dat doe je, op zondagochtend zeven uur. Logisch. Ze worden toegejuicht door een drietal beschonken Britten. Eén van hen heeft haar, de andere twee lijken hun kop te hebben gewaxt. Je ziet nog wat wenkbrauw, maar daar houdt het ook echt op.

Als Wim en ik naar buiten lopen schijnt er een zonnestraal direct in m’n gezicht. Goede genade. Coby sluit achter ons de deur. Ik weet nog “hij was weer heerlijk, Coby!” te roepen. Ze grijnst, voor zover je kan grijnzen na een nacht vol dronken geblèr van hordes idioten. Volgens m’n telefoon is het bijna negen uur. Kan ik me nog even douchen voordat de kerk begint. Ik zet Psalm 121 in. Wim volgt. Klassiekertje.



Wie is Jan Emmens?

Die krullen, altijd weer die krullen. De krullen op het hoofd van geboren Fries Jan Emmens zijn in de Amsterdamse kroegen tegenwoordig minstens zo bekend als de nooit uit de mode rakende hits van André Hazes. Maar pas op, Jan is meer dan die krullen. Soms draagt hij bretels en bij heel speciale gelegenheden zelfs een stropdas. En dat proef je in z’n schrijven, die totale gekte en lak aan stijlregels. Van negen tot vijf hangt Jan de copywriter uit en dan is er ook nog die in de steigers staande comedyserie waar Nederland volgens hem al jaren op wacht. (HdK) Volg Jan op Twitter →
Standard