Verhaal #122 • Afgesproken thema: Stank

De naakte prinses

Er was eens, in een koninkrijk hier ver, ver vandaan, een prinses die nooit kleren droeg.

Het moet zelfs gezegd: geen enkel lid van de koninklijke familie had zich ooit in stof gehuld. Iedereen was poedelnaakt, van top tot teen. Van de jongste prinsjes tot de koning zelf. En omdat het scheermesje nog niet was uitgevonden was dat niet altijd een even prettig gezicht. Zeker als het ging om de moddervette koningin-moeder. In de cafés werd ze, zij het stilletjes, ‘koningin-modder’ genoemd. Geen al te beste bijnaam, maar het koninkrijk stond dan ook niet bekend om zijn creativiteit.

Het was het volk zelf niet toegestaan om naakt te zijn. Nooit. Zelfs als zij in bad gingen moesten ze hun kleren aanhouden en negen maanden voor de geboorte van een baby vonden er altijd lastige handelingen plaats. De blote paleisgarde zag er streng op toe dat het plebs zich aan de regels hield, al was er voor de rijken vaak wel wat te regelen.

Op een dag liep de prinses in haar adamskostuum door het park. Opeens zag ze, onder de grote wilg, een klein, vierkant doosje liggen. Dunne zonnestraaltjes schenen door de haren van de wilg heen en deden het roze pakpapier glimmen. Verrast huppelde de prinses door het gras naar de boom. Ze stortte zich op het pakje, maar behield haar koninklijke waardigheid door het papier niet te scheuren en voorzichtig de touwtjes los te knopen. In het doosje lag een tot een bal gedraaid paar groene sokken. En een briefje. De prinses vouwde het briefje open en las:

“De drager van deze sokken zal nooit meer koude voeten hebben.”

Daar het in de winter nog verrekte koud kon worden in het koninkrijk was dit een aanlokkelijk voorstel voor de prinses. Ze trok de sokken los en bekeek ze eens goed. Ze waren van een prachtige, fijne stof en als de zon er op scheen zag ze de regenboog. Deze sokken zouden zeker doen wat ze beloofden, dat stond vast. Nog heel eventjes deed ze alsof ze twijfelde, maar het besluit was al genomen. Ze ging de sokken passen. Per slot van rekening had ze graag warme voeten. En het was ook wel spannend om eens te doen wat het gewone volk altijd deed. Ze zette zichzelf neer op haar royale billen en trok een sok over haar voet heen. Een warme gloed gleed door haar huid. Toen deed ze de andere sok aan. Haar voeten voelden alsof er een lakei op gelegen had. Ze stond op en deed een paar passen heen en weer. Ze waren heerlijk warm. Erg warm zelfs. Misschien wel wat te warm. Ze ging weer zitten en trok een sok uit. Een enorme stank steeg op. De prinses trok haar koninklijke neus op. Zoiets had ze nog nooit geroken. Ook de andere sok ging weer uit, maar dat verslechterde de situatie. De walm was ondraaglijk. Boven haar dwarrelden de blaadjes van de wilg naar beneden. Eerst een, toen vijf, daarna met honderden tegelijk. Voor de prinses het wist stond tot haar enkels in de wilgenblaadjes. De stank bleef. De prinses kokhalsde, zij het redelijk majestueus. Vlug zocht ze tussen de blaadjes naar het doosje. Op het papiertje was verder niets te zien. In de doos ook niet. Maar in het deksel las ze haar vloek:

“De drager van deze sokken zal nooit meer zonder kunnen.”



Wie is Jan Emmens?

Die krullen, altijd weer die krullen. De krullen op het hoofd van geboren Fries Jan Emmens zijn in de Amsterdamse kroegen tegenwoordig minstens zo bekend als de nooit uit de mode rakende hits van André Hazes. Maar pas op, Jan is meer dan die krullen. Soms draagt hij bretels en bij heel speciale gelegenheden zelfs een stropdas. En dat proef je in z’n schrijven, die totale gekte en lak aan stijlregels. Van negen tot vijf hangt Jan de copywriter uit en dan is er ook nog die in de steigers staande comedyserie waar Nederland volgens hem al jaren op wacht. (HdK) Volg Jan op Twitter →
Standard