Verhaal #114 • Afgesproken thema: Oranje

Regenboog

De vlammen dringen al door het dak als de brandweer komt opdagen. Het ooit zo mooie schuurtje, waarin Corrie haar door de jaren heen verzamelde tuingereedschap heeft opgeslagen, is, zo lijkt het, behoorlijk brandbaar.

Wist zij veel dat een combinatie van een lekkend benzineblik, een hete zondagmiddag, droog hout, een sigaret en een aansteker garant zou staan voor een onvrijwillige barbecue?
Als ze nou opschieten is er misschien nog iets te redden. Zelf hoopt Corrie op het heggenschaartje met het hapje uit één van de messen. Daar kan je de rozen precies goed mee vastpakken.

Als de dichtstbijzijnde brandweerman uitstapt, snelt Corrie naar hem toe.
“Snel, meneer, u moet mijn schuurtje redden! Mijn heggenschaar is nog binnen!”
De brandweerman blikt kort naar het fakkeltje dat ooit een schuur was.
“Ho, ho, ho mevrouwtje, waar denkt u dat u mee bezig bent?”
Corrie kijkt de man niet-begrijpend aan.
“Kijkt u eens naar de vlammen.”
“Ja?”
“Wat is daar mis mee, denkt u?”
“Ze branden m’n schuurtje kapot!”
“Nee, nee, dat is normaal. Kijkt u eens goed.”
Corrie kijkt eens goed.
“Het zijn gewone vlammen en ze vernielen m’n schuurtje en dat is niet de bedoeling!”
“Mevrouwtje, welke kleur hebben die vlammen?”
“Eh, oranje, ofzo?”
“Precies, oranje.”
“Dat zijn toch alle vlammen?”
“Dat maakt niet uit. Het is deze week de Week van de Homoseksuele Brandweerman.”
“Dus?”
“Dus blussen wij alleen vuren die branden in alle kleuren van de regenboog.”
“Oh.”
“Dat zijn er zeven. Ik zie er bij u, als ik aardig ben, rood, oranje en een klein beetje geel. Oh, vooruit, met die ontploffing erbij ook nog een beetje blauw. Maar groen, indigo en violet kan ik niet vinden. En eerlijk gezegd, mevrouw, vind ik dat nogal stuitend.”
“Maar mijn schuurtje dan?”
“Ik kan het ook niet helpen dat uw schuur een discriminerende schande is voor onze maatschappij.”

Hierop besluit de brandweerman dat het genoeg is geweest. Hij doet de zijdeur van de brandweerauto open en pakt een vlammenwerper, model VolcanoBlast 2000. Een korte test op de schutting is genoeg om te controleren dat het apparaat werkt, waarop hij naar het schuurtje loopt en de vlammen een handje helpt. De VolcanoBlast 2000 is gelukkig uitgerust met bijzonder tolerant vuur, waardoor Corries schuurtje binnen de kortste keren tot een prachtige vlammenzee is verworden, waarin geen kleur wordt geschuwd. Wanneer ook indigo in het vuur te zien is, stopt de brandweerman zijn vlammenwerper weer weg en roept de tot nu toe wat rondslenterende collega’s.
“Mannen, dit fikkie kan geblust!”
Dat lieten de heren zich geen twee keer zeggen. Ze rollen de slangen uit, stampen over de prachtige begonia’s en laten het water lopen. De zon schijnt een prachtige regenboog tussen de vele waterdruppels.



Wie is Jan Emmens?

Die krullen, altijd weer die krullen. De krullen op het hoofd van geboren Fries Jan Emmens zijn in de Amsterdamse kroegen tegenwoordig minstens zo bekend als de nooit uit de mode rakende hits van André Hazes. Maar pas op, Jan is meer dan die krullen. Soms draagt hij bretels en bij heel speciale gelegenheden zelfs een stropdas. En dat proef je in z’n schrijven, die totale gekte en lak aan stijlregels. Van negen tot vijf hangt Jan de copywriter uit en dan is er ook nog die in de steigers staande comedyserie waar Nederland volgens hem al jaren op wacht. (HdK) Volg Jan op Twitter →
Standard