Verhaal #375 • Afgesproken thema: Seks

Hoogspanning

Ik kan Ben horen ademen. Zijn tent is nog geen drie meter verwijderd van die van mij en tussen ons bevinden zich alleen twee tentzeilen en een waslijn. De cocktails waren sterker dan ik dacht vanavond en ik voel me mijlenver van daadwerkelijke nachtrust verwijderd. Dat de man die me al sinds onze eerste werkdag afleidt vlak naast me ligt zal daar ongetwijfeld ook iets mee te maken hebben.

Na een halfuur staren naar de vliegjes die tegen de binnentent zoemen pak ik mijn zaklamp en mijn boek. Ik stap in mijn slippers en loop naar buiten. Behalve het getjirp van krekels is er geen geluid en ik ga zo stil mogelijk in de hangmat liggen die tussen de bomen voor onze tenten is gespannen. Net als ik een goede manier gevonden heb om de zaklamp vast te houden zonder een lamme arm te krijgen, hoor ik een rits.

Zonder iets te zeggen ploft Ben op de stoel naast me neer. Nerveuze kriebels trekken als een warme gloed door mijn lijf en zorgen voor kippenvel op mijn armen.

‘Kun je niet slapen?,’ vraag ik.
‘Niet echt. Dus ik dacht, ga in de hangmat liggen… maar die hou jij bezet.’ Aan zijn stem hoor ik dat de drank ook bij hem hard is aangekomen.
‘Ik zou een stoel kunnen pakken… maar dit ding ligt te lekker,’ plaag ik.
Hij lacht en pulkt een stukje schors van de stam van de boom af. Dan duwt hij met beide handen tegen mijn heup, waardoor de hangmat wild heen en weer begint te zwaaien. ‘Hé!,’ lach ik en ik zwiep een been buitenboord om mezelf met mijn voet tegen de grond af te remmen.
‘Lig je nog lekker?’ Hij duwt nog eens.
‘Denk je nou echt dat je me weg kunt pesten?’ Ik rem nogmaals af, ga rechtop zitten en draai een kwartslag zodat allebei mijn benen uit de hangmat bungelen.
‘Nee, maar dit is al succes genoeg!’ Hij komt naast me zitten. De zwaartekracht doet zijn werk en voor ik er erg in heb zitten we dij aan dij, schouder aan schouder in het midden. Ik schrik even, maar ben vastbesloten om hem zijn zin niet te geven en dus blijf ik zitten.
Ben lijkt het niet erg te vinden. ‘Nog steeds geen behoefte om op te staan?’
‘Totaal niet,’ antwoord ik en bekijk zijn pretogen. Hij grijnst, maar even lijk ik een spoortje van verlegenheid bij hem te bespeuren.
‘Waarom ben jij eigenlijk nog wakker?,’ vraagt hij.
‘Gek genoeg ben ik helemaal niet moe. Mijn lijf lijkt te denken dat het midden op de dag is. Ik zou zo een marathon kunnen rennen.’
‘Niet het type dat snel last heeft van alcohol dus,’ concludeert hij. Zonder er te veel omheen te draaien legt hij zijn arm om mijn schouders. Dan wacht hij even, alsof hij me de kans wil geven om hem weg te duwen. Ik blijf naar hem kijken.
Zonder te praten blijft hij even zitten. Ik ben me overdreven bewust van mijn hartslag en mijn trillende vingers, maar probeer dat zo min mogelijk te laten merken. Dan verbreekt hij de stilte.
‘Die energie van jou, hè… Die kunnen we natuurlijk ook op een andere manier gebruiken.’ Hij komt dichterbij en nog voordat ik me afvraag waarom voel ik zijn lippen op de mijne.

Door: Patricia Pos



Wie is gastschrijver?

Dat ben jij! Nou ja, als je een beetje handig met woorden bent. Jouw verhaal ook op de website van Schrijversgenootschap De (Voorheen) Lege Bladzijde? Stuur je beste werk naar info@schrijversgenootschap.nl en laat je lezen!
Standard