Verhaal #300 • Afgesproken thema: Volkswagen Caddy

Het Wittebusjessyndroom

Ergens, in een onbeduidende straat in een onbeduidende wijk in een onbeduidende stad, was een wit bestelbusje gestopt voor het huis van familie De Vries.
De chauffeur had het raampje naar beneden gedraaid en leunde nu ontspannen naar buiten. Van achter het raam werd hij aandachtig gadegeslagen door mevrouw De Vries. Zij had net het signalement genoteerd van de man (bruin haar, donkere zonnebril, brede armen) en het busje (wit, kenteken niet te lezen).
Licht gerustgesteld volgde ze nu het gesprek tussen de man en het buurmeisje. Maartje was net gestopt met steppen en stond nu met de step tussen haar enkels naast het busje. Mevrouw De Vries was het liefst naar buiten gegaan om haar hoogstpersoonlijk weg te halen, maar je wist nooit. Het kon natuurlijk zijn dat ze die man kende. In dat geval wilde mevrouw De Vries er buiten blijven. Ze had geen enkele zin om de risee van de buurt te worden. Bovendien was Maartje een verstandig meisje. Zij zou zich echt niet zomaar laten ontvoeren.
En dus verschool mevrouw De Vries zich nog iets meer achter het gordijn, terwijl Maartje druk gebarend een route leek uit te leggen. Het stuur van de step had ze losgelaten, waardoor deze nu vervaarlijk heen en weer wiebelde tussen haar benen. Mevrouw De Vries snoof. Je wilde het toch niet geloven! De oudste truc ter wereld, doen alsof je verdwaald bent, een kind de weg laten uitleggen, doen alsof je het niet snapt en dan het kind laten instappen om de weg te wijzen. En dat gewoon onder haar neus! Nee, dat zou zij niet laten gebeuren. Het was tijd voor actie.
Mevrouw De Vries haalde diep adem en zette een ferme stap opzij. Zo, liet hij het nu nog maar eens proberen, nu zij zo duidelijk voor het raam stond toe te kijken.
Helaas wekte de man niet de indruk dat hij haar had opgemerkt. Hij praatte gewoon verder met Maartje, haar gebaren herhalend. Hij doet alsof, dacht mevrouw De Vries. Nu weggaan zou hem nog verdachter doen lijken.Hij moet het nog even rekken. Inderdaad draaide de man na een paar minuten het raampje dicht en reed weg. Maartje pakte het stuur van haar step weer vast en stepte weg. In het voorbijgaan zwaaide ze naar mevrouw De Vries, die opgelucht terug zwaaide. Zo zag je maar weer, een beetje sociale controle kon veel ellende voorkomen. Over sociale controle gesproken, het werd tijd dat ze zich weer eens ging bezighouden met haar eigen zoon. ‘Jasper!’ riep ze.
Geen antwoord. Hij speelde zeker weer verstoppertje, de schat. Haastig liep ze naar de tuin, ondertussen luid ‘waar ben je nu’ roepend. Eerst zag ze zijn emmertjes op een slordige stapel in de zandbak liggen. Pas daarna viel het haar op dat de poort open was. Toen ze ernaartoe rende, zag ze nog net hoe een fiets de brandgang uitreed. Jasper zat achterop.



Wie is gastschrijver?

Dat ben jij! Nou ja, als je een beetje handig met woorden bent. Jouw verhaal ook op de website van Schrijversgenootschap De (Voorheen) Lege Bladzijde? Stuur je beste werk naar info@schrijversgenootschap.nl en laat je lezen!
Standard