Verhaal #229 • Afgesproken thema: Autopech

Klokslag twaalf uur

Nog maar een half uurtje en dit ellendige jaar is voorbij. Een verse start.

‘Nieuw jaar nieuwe kansen!’ Of heeft Gaston van de Postcode Loterij daar auteursrecht op?
Whatever, nog twintig kilometer tot Haarlem en mijn Ford Fiesta heeft wel zin in een feestje. God weet dat ik het verdiend heb. Ik zit ineengedoken achter het stuur met een zonnebril en muts tot over mijn oren. Waarom? Dit gemotoriseerde blikwerk is geleend van een vriend met een voorliefde voor neonlichten en theatrale Thunderdome stickers. En ik heb simpelweg een reputatie om aan te denken, homie.

Het is nu zes maanden geleden en ik moet aan haar denken terwijl ik stoplichten negeer. Waar zou ze nu zijn, en belangrijker, met wie? Waarschijnlijk hangt ze nu amandel diep in de keel van een of andere ‘beeldend kunstenaar’. Het enige wat hij alleen niet uit kan beelden is geld op zijn bankrekening. Ik zie hem al voor me. Zo’n veganistische motherfucker met het postuur van mijn vorig jaar overleden oma die zijn eigen biologische soepstengels en humus meeneemt naar feestjes. Een wandelende wanprestatie die op zijn 29e nog studeert omdat hij zich ‘niet kan conformeren aan de hedendaagse maatschappij’ maar nog wel de huur laat betalen door zijn ouders. Met zijn ‘Carpe Diem’ tatoeage en aubergine kleurige beanie.
“HET IS ZOMER DUDE, WAAROM DRAAG JE EEN WOLLEN MUTS?!”
Omdat niemand anders het draagt, daarom. Lekker rebels. Ja, een echte hedendaagse Braveheart. Hopelijk is zijn volgende project touw en een wankelend krukje.

Misschien is het wel beter zo. Onze relatie was een bubbelloze champagne. Het smaakte wel maar je voelde dat er wat miste. Het was niet meer bruisend. Het was Jip en Janneke champagne en iedereen verdient Moët. Fuck die ruzies en gevoelens, ik ben liever alleen als ik niet bij haar kan zijn.

Een schel geluid wekt me uit mijn dromerige gedachtegang.
Het is te vergelijken met een geluid dat ik voor het eerst hoorde toen ik zeven jaar oud was. De Olympische Spelen waren op tv en ik raakte geïnspireerd. Een maandje eerder was ik jarig geweest en had ik een hamster cadeau gekregen. Verguld van blijdschap noemde ik hem Bob. Waarom ik mijn hamster Bob had genoemd? Omdat Bob, simple and plain, de meest geniale naam voor een hamster is. Bob zou de meest atletische hamster ter wereld worden. Hij zou de wereld rondreizen, andere hamsters ontmoeten en natuurlijk een gouden plak pakken op de Hamalympics.

Met een hart vol jeugdige overmoed monteerde ik het motortje van mijn raceauto op het loopwiel van Bob. Zijn tijden waren niet best en rijp voor verbetering. Het resultaat was een dooie hamster, vies t-shirt, en een wervelwind aan helse geluiden dat zich het best laat omschrijven als een mix van een krolse kater en een grasmaaier. Of een cd van Ilse de Lange. Serieus, dat kind kan echt niet zingen. Alsof er een schaap geschoren wordt.

De deja-vu klanken kwamen ditmaal, samen met een aantal flinke rookpluimen, onder mijn motorkap vandaan. Het feestje op vier wielen verandert binnen luttele minuten in een stoomboot en ik besluit uit te wijken naar de vluchtstrook. De motorkap gloeit als een kookplaat en mijn vingers functioneren als braadworstjes. Nog tien minuten tot middernacht en ik vier mijn nieuwe start op een bevroren vluchtstrook langs de snelweg. God bestaat en hij mag me niet.

Terwijl ik verdrink in zelfmedelijden en mijn sokken als handschoenen gebruik stopt er een auto. Het heeft geen zin, het is al te laat. Met mijn geluk zit er een Oekraïense kogelstootster achter het stuur die mij klokslag twaalf uur verkracht en ineengevouwen achterlaat in de berm als een gebruikte zakdoek.

Ik besluit het erop te wagen en pak mijn rugtas van de achterbank. Met kalme pas wandel ik richting de stilstaande auto. Ik kijk omhoog. Boven mij fonkelen duizenden sterren aan een heldere hemel. Het is stil. Nog een paar minuten en het feest barst los. Met mijn rechtersok open ik het portiek.
‘Luister, tof dat ik mee mag rijden maar één natte tong in mijn oor en Nederland is een Amber Alert rijker.’

‘Weet je zeker dat er Amber Alerts bestaan voor jongens in hun mid-twenties? Heet het dan geen Albert Alert of geldt dat alleen als er burgermeesters vreemdgaan?’

Mijn mond valt open en de sokken vallen van mijn handen. Dan en daar maak ik mijn eerste goede voornemen van het jaar; ik ga vaker liften. Twee azuurblauwe ogen omringt door gouden lokken en een Prodent smile trekken mij de auto in. Zij is zo leuk dat ze wel Zweeds moet zijn. Ze lacht alsof ze mij al jaren kent en ik lach nostalgisch terug. Onze vonk verlicht de hemel met duizenden kleuren. Ik ben het korte lontje, zij het kruit, maar samen zijn wij klokslag twaalf uur vuurwerk.
Door: Yordi Tromp



Wie is gastschrijver?

Dat ben jij! Nou ja, als je een beetje handig met woorden bent. Jouw verhaal ook op de website van Schrijversgenootschap De (Voorheen) Lege Bladzijde? Stuur je beste werk naar info@schrijversgenootschap.nl en laat je lezen!
Standard