Verhaal #173 • Afgesproken thema: Luiheid

Genetisch belast

Het ritme van haar voetstappen op de trap, de sleutel in het slot.

Ze doet de deur open en er klinkt het geluid van plastic tassen die tegen elkaar schuiven, zij die haar keel schraapt – waarschijnlijk niet vanuit fysieke noodzaak maar omdat ze hem wil duidelijk maken dat ze er is, dat ze weet dat hij wakker is, dat hij als de donder uit bed moet komen om haar, zijn zús, niet zomaar iemand!, te begroeten. Haar twee, drie pogingen om de deur normaal dicht te doen en daarna een luide klik waarin haar irritatie doorklinkt als ze besloten heeft om kracht te gebruiken en het rotding dicht te slaan.
Het is altijd pas als zij in de hal staat dat hij de vlekken op zijn dekbed ziet, de borden in zijn vensterbank, de vuile was die overal door de kamer verspreid ligt en meteen in gedachten in háár huis is, waar de ramen altijd net gelapt zijn, waar je je schoenen uit moet doen voordat je naar binnen mag. Waar je de nietmachine kunt vinden in de doos met het label ‘kantoorartikelen’.
Behalve de kleur van zijn ogen en een voorkeur voor problematische liefdespartners –en het is te betwijfelen of dat überhaupt genetisch bepaald wordt –heeft hij niets van hun moeder, niet haar zorgvuldigheid, niet haar glanzende haar, niet haar tomeloze energie. Zijn zus heeft het allemaal wel. Misschien komen zijn nalatigheid en gebrek aan persoonlijke hygiëne van vaders kant, wie zou het zeggen. Als hij de man ooit ontmoet zal hij het aan hem vragen.
“Je moet dat slot echt eens laten maken.”
“Hm?” hij rolt zich om, doet alsof ze hem wakker heeft gemaakt, speelt het toneelstukje van in zijn ogen wrijven, uitrekken, gapen, terwijl zij de ramen openzet en klaagt dat het stinkt. Ze hangt haar jas over een stoel en maakt ruimte op zijn bed om te gaan zitten, waarvoor ze wel eerst een berg kleren opzij moet schuiven, of in haar geval opvouwen, natuurlijk.
“Vinden je huisgenoten dat niet erg, al die rommel?”
“Nah.”
“Ik heb wat dingen voor je meegenomen die misschien wel handig zijn.” Ze begint de inhoud van de plastic tassen op en naast zijn bed uit te stallen en bij alles noemt ze op wat het is, alsof het feit dat hij om half twee ’s middags nog in bed ligt betekent dat hij achterlijk is. “Dit is een wasmand. En ik had nog een labelmaker liggen.”
“Nou! Een labelmaker nota bene!”
“Hou op. Heb je een plekje waar ik dit kan opbergen? Of moet ik ze gewoon bij de rest op de grond leggen?”
Ironie hebben ze wel allebei. Van moeders kant komt het niet, die kan niet met hun humor overweg. Ze begrijpt het gewoon niet. Dus, genetisch belast door De Grote Klootzak Die Zijn Kinderen Achterliet.
“Doe maar daarin of zo, als er plek is.” Hij gebaart naar de inbouwkast die op een kier staat, opengehouden door een verfrommelde chipszak. Als ze hem opentrekt valt er ratelend een rij pennen voor haar voeten.
“Wat is dit?” Ze heeft het niet over het schrijfgerei. Ze heeft het over wat ze de vorige keren heeft meegebracht, boekensteunen, een voordeelpak Cillit Bang, opbergdozen nog in de verpakking, alles netjes in de kast. De enige spullen die hij opruimt zijn de hare.
“Ik had het ook echt kunnen weten. Niks hiervan is gebruikt. Gewoon in de kast geflikkerd, hoppakee. Je heb waarschijnlijk geen idee dat je dit in huis hebt.”
“Ja sorry.”
“Ja sorry?”
“Ja, sorry. Het spijt me, oké? Ik ben je heel dankbaar en zo en ik ga het hier opruimen en al je handige spulletjes gebruiken. Dank je wel voor je zorgen.”
Ze zegt niks, begint de wasmand en labelmaker en al het andere weer in haar plastic tassen te stoppen, haar haren laat ze langs haar gezicht naar beneden vallen zonder ze achter haar oren te stoppen, zoals ze altijd doe als ze niet wil laten merken dat ze echt boos is. Hij draait zich om, gezicht naar de muur, deken tot onder zijn kin. Hij kan er ook niks aan doen. Het zit in zijn genen, hij is voorbestemd om te zijn zoals hij is. Als het iemands schuld is, is het die van hun vader. Zelfs zonder aanwezig te zijn weet die klootzak het voor elkaar te krijgen om zijn kinderen uit elkaar te drijven.

Door: Emma Verkuijl



Wie is Emma Verkuijl?

Emma is een echte Amsterdamse, de enige van Het Schrijversgenootschap. Emma won in 2012 Write Now Amsterdam, als enige van Het Schrijversgenootschap. Emma weet altijd iedereen te verblijden met nutteloze feitjes, als enige van Het Schrijversgenootschap. Emma is na anderhalf jaar afwezigheid weer helemaal terug bij ons als vaste schrijver en daar is heel Het Schrijversgenootschap blij mee.
Standard