Verhaal #113 • Afgesproken thema: Religie

Onze Simone

De deurbel gaat. Zoals altijd ga ik op de stoel bij het raam staan om te zien wie er beneden voor de deur staat. Het is Theo en dan doen we niet open.

Daarnaast is het zondag, maar dat maakt hem waarschijnlijk niet uit. Hij steekt een stok door de brievenbus. Theo komt nooit voor ons, maar wil bij de benedenbuurvrouw naar binnen. We hebben hem weleens uitgelegd dat wat hij doet vervelend is. Dan zegt hij dat hij tenminste geen Jehova is. Er valt niet met hem te praten.
De klok slaat zes, we gaan aan tafel.
‘Wil je wijn? Sorry, domme vraag.’
Terwijl mijn vrouw de fles op tafel zet, schijnt door de kamer een fraai zonnelicht, dat op de foto op de voorraadkast valt. Onze Simone, poserend voor de Sainte-Marie-Madeleine de Vézelay. Ik kijk naar de streepjes onder de foto. Mijn vrouw vraagt of ik er vanochtend wel een bij heb gezet. Ik knik met gesloten ogen.
‘We zien haar snel weer, toch? Die zonnestraal, dat is een teken.’
Ze zet de pan soep op tafel. ‘Ik heb zo ook nog quiche.’

Ondanks waslijnconstructies en kippengaas strijkt er op de balk boven mijn hoofd een duif neer. Onder zijn zitplek ligt een flinke berg poep. Er volgen nog drie duiven, die netjes naast elkaar plaatsnemen. Hoe lang sta ik hier al? Driekwartier? Een uur?
Tussen de duiven en het hoopje door, schijnt precies de zon. Wederom een zeldzaam mooi licht, dat ditmaal op de grote verzameling lege flessen valt. Ik kijk naar beneden, waar op het gras van de binnenplaats twee katten om eten bedelen. De buurman komt zijn balkon op om de parkieten te voeren. Ik steek mijn hand op en vraag: ‘Hebben jullie nog iets gehoord?’

We zitten samen in de kamer. De vijfde van Mahler staat aan en ik vouw de krant op. Mijn vrouw doet een kruiswoordpuzzel.
‘Zullen we weer gaan zoeken?’ vraag ik.
‘Dit heeft geen zin, Anton.’
‘We kunnen precies diezelfde wandeltocht maken.’
‘Anton, nee. ’
Ik sta op, pak de krant en laat hem van links naar rechts door de lucht zwaaien. Ze heft haar handen ten hemel, vouwt ze samen en begraaft haar gezicht.

Door: Matthijs van Asselt



Wie is Matthijs van Asselt?

Matthijs van Asselt is komiek, held en neus van beroep. Als hij zich niet afvraagt hoeveel vorken er in de wereld zijn, dan berijdt hij wel een groene tractor of geeft hij zomaar grasmaaiers weg via Facebook. Dat absurdisme typeert de schrijver Matthijs van Asselt waarbij niet alles lijkt zoals het is en zeker niet alles is zoals het lijkt en als het wel lijkt zoals het is, dan moet je er vooral niks anders achter zoeken, want het kan niet altijd raak zijn. Desondanks is Matthijs de absolute publiekslieveling van Het Schrijversgenootschap zoals Dirk Kuyt dat ooit bij Liverpool was. (JE / HdK) Volg Matthijs op Twitter →
Standard