Verhaal #530 • Afgesproken thema: Almere

Monster

Het kan niet anders dan een grap zijn. Ieder persoon met ogen, ik inclusief, denkt het. De anderen al vanaf het moment dat hij binnen kwam.

Door Nikki van Manen

Ze keken van hem naar mij en smiespelden: ‘Kijk dat fijne exemplaar daar nou zitten met dat gedrocht. Kijk die lieve kuiltjes in zijn wangen, zijn misselijkmakend mooie ogen, zijn perfect gestreken overhemd. Om nog te zwijgen over zijn glanzende haar en ontwapenende glimlach. Wat moet hij met háár?’

Midden op straat sprak hij me aan en vroeg me mee uit. Op dat moment vooral vleiend, de dagen erna voornamelijk voeding voor een steeds verder uitdijende onzekerheid die tot vanavond aan me is blijven vreten. Hij was toch veel te knap voor mij? Toen ik expres tien minuten te laat bij het restaurant arriveerde was hij er niet. Het monster van onzekerheid verklaarde de overwinning behaald.

Maar hij verscheen! Ik voelde de jaloerse blikken prikken op mijn lichaam en straalde omdat ík op date was met zo’n man. Het bewees dat gewone meisjes, met buikvet en uitgezakt haar, ook een prins aan de haak konden slaan. En dat ik zo’n meisje was dat je niet aan je voorbij kan laten gaan, die je spontaan op straat aan spreekt. Hij lachte wel wat overdreven lief en vond zo ongeveer ieder grapje leuk. Hij zei zelfs dat hij zo blij was me te hebben ontmoet. Dat was wat dubieus, dus een kleine test leek op zijn plaats. Ik vertelde hem dat ik eigenlijk 125 kilometer verderop woonde. In Almere. Tot dat moment had ik nog kunnen hopen dat hij serieus was. Dat hij was gevallen voor mijn lichtblauwe ogen en mijn zachtaardige persoonlijkheid. Dat er misschien zelfs een zoen in zou zitten.

Hij antwoordde dat we de volgende keer dan wel in Almere af konden spreken.

Daar was het dan, de bevestiging dat dit hele tafereel een slechte grap was. Een weddenschap met zijn vrienden. Een pity party. Hij meende het niet, niet echt, het was te absurd. Ik kon hem niet geloven. Ik wilde niet het meisje worden dat dagenlang krampachtig naar haar telefoon kijkt, hopende dat hij eindelijk belt. Dus vertelde ik hem mijn meest beschamende verhalen, peuterde uitgebreid in mijn neus en strekte me meerdere keren uit, zodat hij goed zicht had op die gigantische vochtvlekken onder mijn armen. Want als hij van me begon te walgen, niet meer alles aan me leuk zou vinden, dan zou hij me misschien eerder afwijzen. En dan zou het misschien minder pijn doen.

Alleen dat afwijzen gebeurt maar niet. Ik vraag me af of ik hem moet vertellen dat ik hem door heb. Dat hij het spelletje kan stoppen. Dat ik echt wel begrijp dat hij, pracht en praal als hij is, niet echt interesse heeft in een meisje zoals ik.

Ineens voel ik iets op mijn hand. Het is zijn hand.

‘Ik vind het echt heel leuk dat je helemaal uit Almere hierheen bent gekomen, weet je dat?’

Ik kijk in zijn prachtige donkergroene ogen. Hij meent het. Verdomme, hij meent het.



Wie is gastschrijver?

Dat ben jij! Nou ja, als je een beetje handig met woorden bent. Jouw verhaal ook op de website van Schrijversgenootschap De (Voorheen) Lege Bladzijde? Stuur je beste werk naar info@schrijversgenootschap.nl en laat je lezen!
Standard