Verhaal #508 • Afgesproken thema: Tampons

Anders

Soms vind ik namen pas mooi als ik weet bij wie ze horen. Nova was mooi. Ze vertelde wel eens dat ze vroeger de windmolens telde op de weg naar het strand. Dat ze keer op keer hoopte dat een van de wieken haar zou optillen en mee zou nemen omhoog, tot ver boven het duin. Tot ze vloog en de zee bijna kon aanraken.

Soms krijgen dingen pas betekenis door de mensen die ze vertellen.

Haar haar was net zo zwart als haar trui, waardoor ik niet goed kon zien hoe lang het was. Ik vervloekte mezelf omdat ik niet meer wist hoelang het was. Haar handen had ze om haar theeglas gevouwen en ik wilde mijn handen er bovenop leggen. Ik deed het niet.

‘Wat wil je?’ vroeg ik in plaats daarvan.
‘Wat denk je?’ vroeg zij.

Ik dacht aan die keer dat we de smerigste pannenkoeken aten langs de snelweg. We zaten al twee uur in de auto en hadden honger, maar het betreden van dat miezerige restaurant was al genoeg om ons voor te bereiden op iets onsmakelijks. Grijze tafeltjes met zwarte, gammele klapstoelen stonden her en der verspreid, op sommige tafels nog een leeg glas. Een man met sliertig, grijs haar en een gewatteerde bodywarmer over zijn kleren heen kwam langzaam op ons af. De bodywarmer had me verbaasd. Het was juni.
‘Wat wil je?’ vroeg ik haar na een blik op de vingervette, geplastificeerde menukaart.

Je houdt altijd alles voor jezelf, had ze gezegd. Alsof je alles in je op zuigt en dat constant met je meedraagt. Tot het teveel wordt en je het niet meer aankunt.

Haar glas was leeg en mijn bierglas ook. Ik keek naar buiten. Van achter het raam van het café leek het zomer; hoe een beeld kan bedriegen. Wat dachten mensen als ze ons zagen zitten? Ik schraapte mijn keel om iets te zeggen, maar wist eigenlijk niet wat.

‘Ik ben wel blij dat je het me verteld hebt,’ zei ik toen.
‘Je was er toch wel achter gekomen.’

‘Het hoefde allemaal niet zo.’
‘Hoe?’ vroeg ze.
‘Het had ook anders kunnen lopen. We hebben veel kapotgemaakt.’
‘Te veel.’
‘Denk je niet dat…’
‘Nee.’
‘Maar…’
‘Hoe vaak hebben we dit gesprek al gehad? Jij verandert niet. En ik ook niet.’

Ik schudde zachtjes met mijn hoofd, alsof ik het met haar eens was. Vanbinnen schudde mijn hoofd niet mee. Wacht! wilde ik roepen. We konden veranderen.

‘En wat ga je nu doen, verder?’ Het leek ineens een loze vraag.
Ze legde haar handen heel even op haar buik, waar, alleen als je het wist, al een lichte bolling te zien was.



Wie is gastschrijver?

Dat ben jij! Nou ja, als je een beetje handig met woorden bent. Jouw verhaal ook op de website van Schrijversgenootschap De (Voorheen) Lege Bladzijde? Stuur je beste werk naar info@schrijversgenootschap.nl en laat je lezen!
Standard