Verhaal #663 • Afgesproken thema: Diarree

Chronisch bange poeperd

Al voordat we vanuit het vliegtuig de zinderende, stinkende warmte instapten, wist ik dat ik het niet zou doen. Waarom ik nu dan toch een tuigje om mijn middel en benen heb, is me een raadsel. Het zit zo strak dat ik me in gedachten voorstel dat het zweet dat zich nu boven de banden ophoopt, straks als een straal diarree naar beneden gutst als ik het weer losmaak.
‘Use sunscreen’, raadt de jongen achter de balie ons aan en ik denk ‘nee’, omdat ‘nee’ het enige is dat mijn brein nog produceert.
Nee.

Ik heb zesentwintig euro betaald voor ‘nee’.

De ironie dat ik gisterenavond nog meer betaalde voor ‘ja’ ontgaat me niet. Als je in India voor zo’n dertig euro alcohol naar binnen gulpt, doe je veel te snel een belofte die je helemaal niet na wil komen. Het tuigje klemt zich om mijn buik en mijn maag draait rondjes waar mijn wasmachine in centrifugestand u tegen zegt. Ik twijfel of het door de alcohol of de angst komt.

‘Follow me’, zegt het snoepje van een begeleider en ik kijk hem boos aan.

Ik kan nu op dit moment de keuze maken om de rest van mijn leven een angsthaas te blijven. De deur naar avontuur voorgoed dicht te gooien. Daar hoef ik niet eens zo veel voor te doen. Ik hoef alleen maar naar het snoepje te kijken, tegen mijn voorhoofd te tikken en te zeggen dat hij het maar lekker zelf doet. Maar in mijn hoofd roert zich een stemmetje, waarvan ik liever heb dat het Hindi spreekt zodat ik het niet kan verstaan: ‘Diagnose chronisch bange poeperd als je dit niet doet.’
Wil ik dat? Nee.

Ik vervloek mijn brein dat ook nu alleen maar ‘nee’ produceert en loop achter het snoepje aan.

Stap. Nee. Stap. Nee. Stap. Nee.
Trap op. Fuck. Nee.
Ik hijs mezelf het eerste platform op. Van de zes. Het uitzicht is overweldigend. Even word ik duizelig. Het fort van Jodhpur fungeert als ruggensteun. Het water van het meer dat tussen de bergen ligt kleurt diep onder me heldergroen van de algen. In de verte zie ik de tegen muskieten blauwgeverfde huisjes van de stad in miniatuur, als een smurfendorp. De afgrond is steil en rotsachtig en de kabel die van dit platform tot het volgende op de berg tegenover me is gespannen, lijkt me veel te dun.
Mijn bonkende hart en knikkende knieën zijn nog overweldigender dan het uitzicht. Ik vraag aan snoepmans of ik kan stoppen als ik de eerste ‘line’ echt te eng vind en hij schudt zijn hoofd.

Hij klikt me vast aan de kabel. Hij klikt me verdomme vast aan de kabel.

Hij kijkt me aan en vraagt: ‘You are not sure?’
Ik schud mijn hoofd, maar het stemmetje begint weer te ratelen. ‘Diagnose chronisch bange poeperd! Bestaat geen medicatie voor!’ Ik kruis mijn voeten over elkaar en til mijn benen op. Een klein zetje van het snoepje. En dan vlieg ik. Ik vlieg echt! Ik hang verdorie in de gloeiendhete Indiase zon, met zweet als diarree in mijn kleren en een fort, bergen en water om me heen in de lucht.

Met één zwieper maai ik één van mijn grootste angsten overhoop.



Wie is Linda van Doorn?

Linda is redactrice bij Lef Magazine, dramatisch theaterbeest uit 's-Hertogenbosch en specialist ‘lachen om flauwe grappen’ bij Het Schrijversgenootschap. ‘Ik werk met woorden,’ zei ze op haar sollicitatiegesprek en sindsdien moet ze van ons verplicht tijdens elke redactievergadering de superhandige Schrijversgenootschap-overall™ (met zakken voor alle soorten pennen en notitieblokken!) aan. Linda schrijft sinds februari 2014 voor Het Genootschap en haar indrukwekkende digitale fanschare rept al vanaf het begin van “de beste schrijver op de website”. Daar zijn we dus mooi klaar mee. Drama op de redactie. (JE / HdK) Volg Linda op Twitter →
Standard